Uitspraak
1.Onderzoek van de zaak
2.Grondslag van de vordering
4.De verdediging
5.De beoordeling
6.Bewijsmiddelen
7.Berekening van het wederrechtelijk verkregen voordeel
9.Beslissing
ZESTIGDUIZENDENDRIE FLORIN (Afl. 60.003,-);
ACHT (8) MAANDEN.
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
Het Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba heeft op 24 maart 2016 uitspraak gedaan in een ontnemingszaak tegen een verdachte die als ambtenaar samen met een mededader geld verduisterde en valsheid in geschrifte pleegde. De verdachte werd veroordeeld voor medeplegen van verduistering van een bedrag van 120.006 gulden, gepleegd vóór de inwerkingtreding van het nieuwe Wetboek van Strafrecht.
De officier van justitie vorderde ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel tot een bedrag van 120.006 gulden, verdeeld over de verdachte en haar mededader, met toepassing van vervangende hechtenis bij niet-betaling. De verdachte voerde verweer dat zij slechts verantwoordelijk was voor verduistering van circa 5.000 gulden en dat het geld ten goede was gekomen aan de mededader, maar dit werd door het gerecht als ongeloofwaardig verworpen.
Het gerecht achtte bewezen dat de verdachte en haar mededader gezamenlijk het bedrag van 120.006 gulden hadden verduisterd en dat beiden voordeel hadden genoten. Omdat niet duidelijk was hoe het voordeel was verdeeld, werd het bedrag gelijk verdeeld. De verdachte werd verplicht tot betaling van 60.003 gulden aan het Land Aruba, met een vervangende hechtenis van acht maanden bij uitblijven van betaling.
De beslissing is gebaseerd op artikel 1:77 van Pro het Wetboek van Strafrecht en artikel 38e van het oude Wetboek van Strafrecht. De uitspraak werd gedaan in aanwezigheid van de griffier en zonder rechtsbijstand van de verdachte.
Uitkomst: De verdachte is veroordeeld tot ontneming van 60.003 gulden en acht maanden vervangende hechtenis bij niet-betaling.