ECLI:NL:OGEAA:2016:227

Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba

Datum uitspraak
2 maart 2016
Publicatiedatum
12 april 2016
Zaaknummer
A.R. no. 2331 van 2013
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Deels toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
  • A.H.M. van de Leur
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 141 Rv
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Rechterlijk vermoeden huurinkomsten door niet overleggen bankafschriften

In deze civiele handelszaak tussen eiseres en gedaagde staat een verdelingskwestie centraal omtrent huurpenningen van appartementen die eigendom zijn van partijen. Gedaagde is herhaaldelijk bevolen om bankafschriften van zijn rekening vanaf 1992 te overleggen, maar heeft hieraan niet voldaan. Hierdoor kan eiseres haar stelling dat gedaagde aanzienlijke huurinkomsten heeft ontvangen niet bewijzen.

Het Gerecht verbindt daarom op grond van artikel 141 lid 3 Rv Pro een rechterlijk vermoeden aan het niet opvolgen van het bevel. Dit vermoeden houdt in dat gedaagde vanaf 3 april 1992 US$ 850.000 aan huurinkomsten heeft ontvangen die via storting of overschrijving op zijn bankrekening zijn binnengekomen. Gedaagde krijgt de gelegenheid om tegenbewijs te leveren, maar eiseres mag niet reageren op een eventuele akte van gedaagde.

Verder wordt duidelijk gemaakt dat eiseres niet langer gehouden is om de kosten van het verkrijgen van bankafschriften voor te schieten. De zaak wordt aangehouden in afwachting van de reactie van gedaagde, met een rolzitting gepland op 30 april 2016.

Uitkomst: Gedaagde wordt vermoed US$ 850.000 aan huurinkomsten te hebben ontvangen en krijgt gelegenheid tot tegenbewijs, zaak aangehouden.

Uitspraak

Vonnis van 2 maart 2016
Behorend bij A.R. no. 2331 van 2013
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA
VONNIS in de zaak van:
Eiseres,
wonende in Sint Maarten,
eiseres in conventie, verweerster in reconventie,
hierna ook te noemen: Eiseres,
gemachtigden: de advocaten mrs. H.A. Seferina en C.R.O. Richardson,
tegen:
Gedaagde,
wonende in Aruba,
gedaagde in conventie, eiser in reconventie,
hierna ook te noemen: Gedaagde,
gemachtigden: de advocaten mrs. J.G. Bloem en J.P. Westra.

1.DE PROCEDURE

in conventie en in reconventie

1.1
Het verloop van de procedure tot 16 september 2015 blijkt uit het tussenvonnis van dit Gerecht van die datum. Het verdere verloop van de procedure blijkt uit:
-de op 28 oktober 2015 tegen Gedaagde verleende akte van niet dienen van de door hem ingevolge voormeld vonnis te nemen akte.
1.2
Vonnis is nader bepaald op heden.

2.DE VERDERE BEOORDELING

in conventie en in reconventie

2.1
Het Gerecht volhardt in zijn in de tussenvonnissen neergelegde overwegingen en beslissingen.
in conventie
2.2
Gedaagde heeft wederom niet voldaan aan het aan hem bij het laatste tussenvonnis gegeven herhaalde bevel om een afschrift van al zijn bankafschriften van zijn bankrekening met rekeningnummer 101193106 vanaf 1992 in het geding te brengen, terwijl is gesteld noch gebleken dat Gedaagde dat bevel niet hoefde op te volgen omdat Eiseres de met de opvolging daarvan gemoeid gaande kosten niet of niet tijdig heeft betaald, zoals bepaald bij voormeld tussenvonnis. Aan dit nalaten verbindt het Gerecht op de voet van het bepaalde in het derde lid van artikel 141 Rv Pro het hiernavolgende hem geraden voorkomende rechterlijk vermoeden als gevolg.
2.3
Door bedoelde bankafschriften zoals bij vonnis meermalen bevolen aan Gedaagde niet in het geding te brengen ontneemt Gedaagde Eiseres de (enige) mogelijkheid om haar stelling te bewijzen
dat Gedaagde gerekend vanaf 3 april 1992 US$ 850.000,-- aan huurinkomsten heeft ontvangen uit hoofde van de verhuur van 7 op het recht van erfpacht gebouwde appartementen (en dat door storting of overschrijving van die huurpenningen op de bankrekening van Gedaagde met rekeningnummer 101193106). In deze omstandigheid ziet het Gerecht grond voor de aanname van het rechterlijk vermoeden dat die door hem onderstreepte stelling juist is. Gedaagde zal in de gelegenheid worden gesteld om zich bij akte uit te laten of hij al dan niet tegenbewijs wenst te leveren ter ontzenuwing van dat vermoeden, en - zo ja - op welke wijze hij dat wenst te doen. De aard van die door Gedaagde te nemen akte brengt met zich dat Eiseres niet in de gelegenheid zal worden gesteld om een antwoord- of contra-akte te nemen.
2.4
Ten overvloede wordt voor de duidelijkheid en goede orde nog overwogen dat Eiseres bij de huidige stand van zaken niet langer gehouden is om de kosten van mogelijk door de bank van Gedaagde te produceren bankafschriften voor te schieten.
in conventie en in reconventie
2.5
In afwachting van de door Gedaagde te nemen conventionele akte wordt iedere verdere beslissing aangehouden.

3.DE BESLISSING

Het Gerecht:
in conventie
-stelt Gedaagde in de gelegenheid om zich bij akte uit te laten over hetgeen hij zich blijkens rechtsoverweging 2.3 dient uit te laten;
-verwijst de zaak daartoe naar de rolzitting van 30 april 2016;
-bepaalt dat Eiseres niet in de gelegenheid zal worden gesteld om bij akte te reageren op de door Gedaagde te nemen akte;
in conventie en in reconventie
-houdt aan iedere verdere beslissing.
Dit vonnis is gewezen door mr. A.H.M. van de Leur, rechter, en is uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 2 maart 2016 in aanwezigheid van de griffier.