ECLI:NL:OGEAA:2016:343

Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba

Datum uitspraak
25 mei 2016
Publicatiedatum
3 juni 2016
Zaaknummer
A.R. 2751 van 2014
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Aangehouden
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vaststellingsovereenkomst en voortzetting procedure tussen partijen

In deze civiele zaak tussen een vrouw en een man te Aruba, waarbij het geschil betreft een vaststellingsovereenkomst, heeft het gerecht een tussenvonnis gewezen. De vrouw werd in de gelegenheid gesteld om te verklaren waarom zij de vaststellingsovereenkomst niet had ondertekend. Zij gaf aan dat er nog geen algehele overeenstemming was, maar wenste de zaak wel spoedig af te ronden.

De vrouw heeft echter niet aangegeven wat er in deze fase van de procedure dient te gebeuren en heeft geen vonnis gevraagd. Omdat beide partijen aangeven de zaak te willen oplossen en het onduidelijk is wat zij wensen, acht het gerecht het verstandig dat partijen opnieuw overleg plegen om de resterende punten te bespreken.

Daarom is de zaak verwezen naar de rol van 29 juni 2016 voor een akte van uitlating door de vrouw over het voortprocederen. Alle verdere beslissingen worden aangehouden. Het vonnis is uitgesproken door rechter Y.M. Vanwersch tijdens een openbare zitting op 25 mei 2016.

Uitkomst: De zaak wordt aangehouden en verwezen naar de rol van 29 juni 2016 voor nadere uitlating van de vrouw.

Uitspraak

Vonnis van 25 mei 2016
Behorend bij A.R. 2751 van 2014
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA
VONNIS
in de zaak van:
Eiseres,
wonende te Aruba,
hierna ook te noemen: de vrouw,
gemachtigde: de advocaat mr. J.AR. Bryson,
tegen:
Gedaagde,
wonende te Aruba,
hierna ook te noemen: de man,
gemachtigde: de advocaat mr. David G. Kock.

1.DE VERDERE PROCEDURE

Het verdere verloop van de procedure blijkt uit:
- het tussenvonnis van 10 februari 2016;
- akte aan de zijde van de vrouw.
De zaak is daarna verwezen naar de rol voor vonnis.

4.DE VERDERE BEOORDELING

4.1
Bij tussenvonnis van 10 februari 2016 is de vrouw in de gelegenheid gesteld om zich uit te laten over de vraag waarom zij de vaststellingsovereenkomst niet heeft ondertekend.
4.2
Bij akte d.d. 6 april 2016 heeft de vrouw gesteld dat tussen partijen nog geen algehele overeenstemming bestaat en dat ook zij de zaak zo spoedig mogelijk wenst af te ronden.
4.3
De vrouw heeft zich evenwel niet uitgelaten over de vraag wat er thans dient te gebeuren in deze stand van het geding noch heeft zij vonnis gevraagd. Nu partijen aangeven de zaak te willen oplossen en onduidelijk is wat zij in dit stadium van het gerecht wensen, komt het het gerecht geraden voor dat partijen nogmaals om de tafel gaan en de laatste puntjes op de i gaan zetten. Om deze reden wordt de zaak naar de rol van woensdag 29 juni 2016 verwezen voor akte uitlating voortprocederen aan de zijde van de vrouw.
4.4
Iedere verdere beslissing wordt aangehouden.

5.DE UITSPRAAK

5.1
verwijst de zaak naar de rol van
woensdag 29 juni 2016voor akte uitlating aan de zijde van de vrouw;
5.2
houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit vonnis is gewezen door mr. Y.M. Vanwersch, rechter in dit gerecht, en werd uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 25 mei 2016 in aanwezigheid van de griffier.