ECLI:NL:OGEAA:2016:445

Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba

Datum uitspraak
29 juni 2016
Publicatiedatum
18 juli 2016
Zaaknummer
B.B. 2080 van 2015
Instantie
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing vordering wegens onvoldoende onderbouwing in civiele procedure

In deze civiele zaak aan het Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba vordert Eiser een vordering tegen Gedaagde. De procedure verliep met een rolbeschikking waarbij Eiser niet is verschenen en geen repliek heeft ingediend. Ondanks het gemotiveerde verweer van Gedaagde heeft Eiser haar vordering niet met verifieerbare stukken onderbouwd.

De rechter beoordeelt dat de vordering onvoldoende feitelijk is onderbouwd en wijst deze af. Eiser wordt in het ongelijk gesteld en veroordeeld in de kosten van de procedure, welke aan de zijde van Gedaagde nihil worden begroot.

De uitspraak is gedaan op 29 juni 2016 door rechter Y.M. Vanwersch tijdens een openbare terechtzitting. Hiermee komt een einde aan de procedure in eerste aanleg met een afwijzing van de vordering.

Uitkomst: De vordering wordt afgewezen wegens onvoldoende feitelijke onderbouwing en eiser wordt veroordeeld in de proceskosten.

Uitspraak

Vonnis van 29 juni 2016
Behorend bij B.B. 2080 van 2015
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA
VONNIS
in de zaak van:
[naam],
wonende te Aruba,
hierna ook te noemen: E*,
procederend in persoon,
tegen:
[naam]
wonende te Aruba,
hierna ook te noemen: G*,
procederend in persoon.

1.DE VERDERE PROCEDURE

Het verloop van de verdere procedure blijkt uit:
  • Het tussenvonnis d.d. 20 april 2016;
  • De akte niet dienen jegens E*.
De zaak is daarna verwezen naar de rol voor vonnis.

2.DE VERDERE BEOORDELING

2.1
Bij rolbeschikking van 20 april 2016 is de zaak verwezen naar de rolzitting van 18 mei 2016 voor conclusie van repliek. E* is ter zitting niet verschenen, noch heeft zij een conclusie van repliek genomen.
2.2
Nu E* - ondanks het gemotiveerde verweer van G* - haar pretense vordering niet met verifieerbare stukken heeft geadstrueerd, wordt deze als niet dan wel onvoldoende feitelijk onderbouwd afgewezen.
2.3
E* wordt nu zij in het ongelijk is gesteld in de kosten van de procedure veroordeeld, welke aan de zijde van G* op nihil worden gesteld.

3.DE UITSPRAAK

De rechter in dit gerecht:
3.1
wijst de vordering af;
3.2
veroordeelt E* in de kosten van de procedure, welke aan de zijde van G* worden begroot op nihil.
Dit vonnis is gewezen door mr. Y.M. Vanwersch, rechter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 29 juni 2016 in tegenwoordigheid van de griffier