ECLI:NL:OGEAA:2016:557

Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba

Datum uitspraak
30 augustus 2016
Publicatiedatum
2 september 2016
Zaaknummer
EJ. nr. 1859 van 2015
Instantie
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
  • N.K. Engelbrecht
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
HR 18 maart 2005, AS8525
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toekenning eenhoofdig gezag aan vader wegens verstoorde communicatie en belangen minderjarigen

In deze civiele procedure verzocht de vader om het gezamenlijk gezag over de minderjarige kinderen toe te kennen, terwijl de moeder niet was verschenen en haar verblijfplaats onbekend was. De Voogdijraad bracht een rapport uit waarin werd vastgesteld dat er sprake was van verstoorde communicatie tussen de ouders en dat de moeder sinds juni 2015 weinig initiatief toonde om betrokken te blijven bij de kinderen.

De rechtbank overwoog dat gezamenlijk gezag slechts in uitzonderlijke gevallen kan worden geweigerd, namelijk wanneer er een onaanvaardbaar risico bestaat dat het kind klem raakt tussen de ouders. Gezien de omstandigheden en het advies van de Voogdijraad achtte de rechtbank het in het belang van de minderjarigen wenselijk dat de vader het eenhoofdig gezag krijgt toegewezen.

De beslissing werd genomen na een mondelinge behandeling waarbij alleen de vader aanwezig was. De rechtbank verklaarde de beschikking uitvoerbaar bij voorraad en compenseerde de proceskosten, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt. Het verzoek tot gezamenlijk gezag werd afgewezen en het eenhoofdig gezag aan de vader toegekend.

Uitkomst: Het eenhoofdig gezag over de minderjarigen wordt aan de vader toegekend.

Uitspraak

Beschikking van 30 augustus 2016
Behorend bij EJ. nr. 1859 van 2015
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA
BESCHIKKING
op het verzoek van:
[X],
wonende in Aruba,
VERZOEKER, hierna: de vader,
gemachtigde: voorheen de advocaat mr. D.C. Lopez Paz, thans procederend in persoon,
tegen
[Y],
zonder bekende woon- of verblijfplaats in Colombia,
VERWEERSTER, hierna: de moeder,
niet verschenen.
Belanghebbenden:
[A],
[B],
[C],
hierna: de minderjarigen.

1.DE PROCEDURE

De eerdere procedure blijkt uit de tussen partijen gewezen tussenbeschikking van dit gerecht van 12 januari 2016, waarbij met betrekking tot het verzoek inzake het ouderlijk gezag de Voogdijraad is verzocht onderzoek te doen naar de sociale omstandigheden van partijen en daarover een rapport uit te brengen. Het verdere verloop van de procedure blijkt uit:
- het rapport van de Voogdijraad, ingediend op 25 april 2016,
- de griffiersaantekeningen van de mondelinge behandeling achter gesloten deuren op 14 juni 2016, waaruit blijkt dat alleen de vader in persoon is verschenen. Namens de Voogdijraad was aanwezig mevrouw A. Flanders en mevrouw R. Kelly.
De uitspraak is bepaald op heden.

2.DE VERDERE BEOORDELING

2.1
Zoals in de tussenbeschikking van 12 januari 2016 reeds is overwogen, dient te worden aangenomen dat indien een op eenhoofdig of gezamenlijk gezag gericht verzoek van de vader voorligt, eenhoofdig gezag slechts in aanmerking komt indien de rechter zulks in het belang van het kind wenselijk oordeelt.
2.2
Uitgangspunt bij de beoordeling van de vraag welke gezagsvoorziening in het belang van de minderjarige wenselijk is, is dat slechts in uitzonderingsgevallen kan worden aangenomen dat het belang van het kind vereist dat alleen een van de ouders met het gezag over hem blijft belast, zoals met name indien er een onaanvaardbaar risico bestaat dat het kind bij gezamenlijk gezag van de ouders klem of verloren zou raken tussen de ouders en niet te verwachten is dat hierin binnen afzienbare tijd voldoende verbetering zou komen (vgl. HR 18 maart 2005,
LJNAS8525).
Voor gezamenlijk gezag is, volgens vaste jurisprudentie, vereist dat de ouders in staat zijn tot een behoorlijke gezagsuitoefening en dat zij beslissingen van enig belang over hun kind in gezamenlijk overleg kunnen nemen, althans dat zij tenminste in staat zijn vooraf afspraken te maken over situaties die zich rond hun kind kunnen voordoen.
2.3
In dit geval heeft de Voogdijraad in zijn rapport geschreven dat de ouders op dit moment weinig met elkaar communiceren en dat er sprake is van verstoorde communicatie tussen de ouders. De Voogdijraad heeft slechts één keer telefonisch contact gehad met de moeder. Uit dat gesprek werd niet duidelijk wat de toekomstplannen van de moeder zijn. Vast staat dat zij in juni 2015 naar Colombia is vertrokken met achterlating van de minderjarigen bij de vader, en dat de minderjarigen bij vader thuis stabiliteit, rust en structuur hebben. De minderjarigen missen hun moeder maar zijn inmiddels aan de situatie gewend geraakt. De moeder heeft sinds juni 2015 weinig tot geen initiatief getoond om betrokken te blijven in het leven van de minderjarigen.
De Voogdijraad adviseert dan ook om, in het belang van de minderjarigen, de vader met het eenhoofdig gezag over hen te belasten.
2.4
Gelet op het bovenstaande, het verhandelde ter zitting en de overgelegde stukken is het gerecht van oordeel dat er een onaanvaardbaar risico bestaat dat de minderjarigen bij gezamenlijk gezag van de ouders klem of verloren zullen raken tussen de ouders en niet te verwachten is dat hierin binnen afzienbare tijd voldoende verbetering zou komen. Dit betekent dat het verzoek van de vader om gezamenlijk met de moeder te worden belast met het gezag over de minderjarigen, dient te worden afgewezen. Het gerecht acht het voorts in het belang van de minderjarigen wenselijk dat de vader voortaan alleen met het gezag over hen wordt belast.
2.5
De proceskosten zullen worden gecompenseerd.

3.DE BESLISSING

Het gerecht:
bepaalt dat aan de vader [X], voortaan alleen het gezag zal toekomen over de minderjarigen:
[A], geboren op [datum] 2010 in Aruba,
[B], geboren op [datum] 2011 in Aruba,
[C], geboren op [datum] 2013 in Aruba,
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad,
compenseert de kosten aldus dat ieder der partijen de eigen kosten draagt,
wijst het meer of anders verzochte af.
Deze beschikking is gegeven door mr. N.K. Engelbrecht, rechter in dit gerecht, ter zitting van dinsdag 30 augustus 2016 in tegenwoordigheid van de griffier.