ECLI:NL:OGEAA:2016:892
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid vorderingen inzake vergunningverlening geneesmiddelenimport op Aruba
VIPPA, een vereniging van importeurs van farmaceutische producten op Aruba, en Botica, een apotheekonderneming, stelden vorderingen tegen het Land Aruba met betrekking tot de voorwaarden waaronder vergunningen voor geneesmiddelenimport worden verleend. VIPPA wilde beperkingen opleggen aan vergunningen voor apotheken die zelf geneesmiddelen importeren, terwijl Botica een protocol wilde afdwingen voor vergunningverlening.
De Landsverordening op de geneesmiddelenvoorziening en het Landsbesluit regelen de import en distributie van geneesmiddelen op Aruba. De Inspecteur voor Geneesmiddelen verleent vergunningen, waarbij voorwaarden kunnen worden gesteld. VIPPA en Botica voerden dat de huidige handelswijze strijdig is met deze regelgeving en dat er behoefte is aan duidelijke procedures.
Het Gerecht oordeelde dat de bestuursrechter (LAR-rechter) bevoegd is om over deze geschillen te oordelen, ook bij voorlopige voorzieningen. Hierdoor is de burgerlijke rechter in kort geding niet bevoegd om inhoudelijk te beslissen over de vorderingen van VIPPA en Botica. Beide partijen werden daarom niet-ontvankelijk verklaard in hun vorderingen.
De kosten van de procedure werden begroot op nihil en tussen VIPPA en Botica gecompenseerd, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt. Het vonnis werd uitgesproken door rechter J. Sap op 7 december 2016.
Uitkomst: VIPPA en Botica worden niet-ontvankelijk verklaard in hun vorderingen wegens gebrek aan bevoegdheid van de burgerlijke rechter.