Uitspraak
1.Onderzoek van de zaak
2.Tenlastelegging
3.Voorvragen
4.Bewijsbeslissingen
Vrijspraak
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
Op 22 november 2016 sprak het Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba verdachte vrij van de tenlastelegging van medeplegen van invoer, vervoer en bezit van cocaïne. Verdachte was aanwezig op de boot Santa Maria van waaruit pakketten cocaïne overboord werden gegooid, maar het gerecht oordeelde dat dit onvoldoende bewijs was voor nauwe en bewuste samenwerking met medeverdachten.
De officier van justitie had een gevangenisstraf van acht jaar geëist, maar het gerecht vond dat de bewijsvoering, waaronder het proces-verbaal van de kustwacht en foto’s, onvoldoende was om medeplegen aan te tonen. Verdachte verklaarde dat hij onwetend was van de aanwezigheid van cocaïne en had betaald om illegaal te kunnen werken op Curaçao.
Het gerecht verwees naar een arrest van de Hoge Raad waarin is gesteld dat voor medeplegen sprake moet zijn van een intellectuele en/of materiële bijdrage van voldoende gewicht en nauwe samenwerking. De positie van verdachte werd gezien als die van een passagier, die niet bewust deelnam aan het delict. Daarom werd verdachte vrijgesproken en onmiddellijk in vrijheid gesteld.
Uitkomst: Verdachte werd vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs van nauwe en bewuste samenwerking bij het vervoeren van cocaïne.