ECLI:NL:OGEAA:2017:109

Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba

Datum uitspraak
14 februari 2017
Publicatiedatum
27 februari 2017
Zaaknummer
EJ nr. 1929 van 2016
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Beschikking
Rechters
  • N.K. Engelbrecht
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 1:295 BWA
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek tot benoeming grootmoeder als voogd over minderjarige

De zaak betreft een verzoek van de grootmoeder moederszijde om benoemd te worden tot voogd over haar kleinkind, een minderjarige geboren in Aruba in 2015. De moeder oefent het ouderlijk gezag uit, maar verblijft illegaal in Aruba en kan daardoor de verblijfstatus van de minderjarige niet regelen.

De grootmoeder stelt dat de moeder vanwege haar illegale verblijfstatus niet in staat is het gezag effectief uit te oefenen en verzoekt daarom om voogdij. Het gerecht stelt vast dat de moeder het gezag wettelijk uitoefent en dat er geen aanwijzingen zijn dat zij ongeschikt of onmachtig is om dit te doen.

Hoewel de moeder de verblijfstatus van de minderjarige niet kan regelen, acht het gerecht dit onvoldoende reden om het verzoek tot voogdij toe te wijzen. Op grond van artikel 1:295 van Pro het Burgerlijk Wetboek van Aruba kan voogdij slechts worden toegekend als het ouderlijk gezag ontbreekt of niet op wettige wijze is voorzien.

Het verzoek wordt daarom afgewezen en de moeder blijft bevoegd gezagsdrager over de minderjarige. De beschikking is gegeven door rechter N.K. Engelbrecht op 14 februari 2017.

Uitkomst: Het verzoek tot benoeming van de grootmoeder als voogd over de minderjarige wordt afgewezen.

Uitspraak

Beschikking van 14 februari 2016
behorend bij EJ nr. 1929 van 2016
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA
BESCHIKKING
op het verzoek van
[X],
wonende in Aruba,
VERZOEKSTER,
procederen in persoon.
Belanghebbenden:
[Y], de minderjarige,
[Z], de moeder,
werkelijk verblijvende in Aruba,

1.DE PROCEDURE

De procedure blijkt uit:
- het verzoekschrift ingediend op 15 augustus 2016;
- de griffiersaantekeningen van de mondelinge behandeling achter gesloten deuren van 13 december 2016 waaruit blijkt dat zijn verschenen de grootmoeder moederszijde en de moeder in persoon. Namens de Voogdijraad was mevrouw A. Flanders aanwezig.
De uitspraak is bepaald op heden.

2.DE FEITEN

2.1
Van de op [datum] 2015 in Aruba geboren minderjarige, staat alleen het moederschap vast, zodat de moeder van rechtswege het gezag over de minderjarige alleen uitoefent.
2.2
De moeder noch de minderjarige staat alhier ingeschreven in het bevolkingsregister.
2.3
Verzoekster is de moeder van de moeder. Aan verzoekster zijn vanaf april 2001 vergunningen tot tijdelijk verblijf in Aruba verleend.

3.HET VERZOEK

Het verzoek strekt ertoe dat verzoekster belast wordt met de voogdij over de minderjarige. Ter onderbouwing van het verzoek heeft verzoekster aangevoerd dat de moeder niet in het bezit is van een vergunning om alhier te mogen verblijven, zodat zij de verblijfstatus van de minderjarige hier te lande niet kan regelen.

4.DE BEOORDELING

4.1
Ingevolge artikel 1:295 van Pro het Burgerlijk Wetboek van Aruba (BWA) benoemt de rechter een voogd over alle minderjarigen die niet onder ouderlijk gezag staan, en in wier voogdij niet op wettige wijze is voorzien.
4.2
In deze staat vast dat de moeder het ouderlijk gezag over de minderjarige alleen uitoefent. Gesteld noch gebleken is dat de moeder in de onmogelijkheid verkeert het gezag uit te oefenen, dan wel daartoe ongeschikt of onmachtig is. Dat de moeder, vanwege haar eigen illegale verblijfstatus hier te lande, de verblijfstatus van de minderjarige niet kan regelen, is onvoldoende om aan te nemen dat zij het gezag niet kan uitoefenen.
4.3
Gelet hierop en op het verhandelde ter zitting is het gerecht van oordeel dat het verzoek niet voor inwilliging vatbaar is.

5.DE BESLISSING

Het gerecht:
wijst het verzoek af.
Deze beschikking is gegeven op 14 februari 2017 door mr. N.K. Engelbrecht, rechter bij dit gerecht, in tegenwoordigheid van de griffier.