Uitspraak
1.DE PROCEDURE
- de financiële stukken zijdens verweerster, ingediend op 13 december 2016;
- de financiële stukken zijdens verzoeker, ingediend op 17 januari 2017.
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
In deze civiele procedure heeft het Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba op 28 maart 2017 uitspraak gedaan over de vaststelling van kinderalimentatie tussen de vader en moeder van een minderjarige. De moeder verzocht de vader tot betaling van een bijdrage van Afl. 550,- per maand, met een dwangsom bij denigrerende opmerkingen.
Het gerecht hanteerde als richtsnoer voor de kosten van verzorging en opvoeding een bedrag van Afl. 450,- per maand, vermeerderd met bijzondere kosten zoals naschoolse opvang, zwem- en danslessen, wat leidde tot een totaal van Afl. 630,- per maand. De draagkracht van de moeder werd vastgesteld op netto Afl. 1.156,- per maand na aftrek van noodzakelijke lasten, terwijl de vader een draagkracht van circa Afl. 3.636,- per maand heeft.
Op basis van deze gegevens stelde het gerecht vast dat een bijdrage van Afl. 550,- per maand door de vader passend en in overeenstemming met de wettelijke normen is. De betaling dient maandelijks vooruit aan de Voogdijraad te geschieden met ingang van 1 maart 2017. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en het overige werd afgewezen.
Uitkomst: Vader moet vanaf 1 maart 2017 maandelijks Afl. 550,- kinderalimentatie betalen.