Uitspraak
1.DE PROCEDURE
2.DE VERDERE BEOORDELING
3.DE UITSPRAAK
(P-1);
(P-1);
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
In deze civiele bodemzaak tussen Island Finance Aruba N.V. (IFA) en gedaagde G* heeft het Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba op 12 april 2017 geoordeeld over de geldigheid van het overeengekomen rentepercentage in een geldleningsovereenkomst.
Het Gerecht bevestigt dat in Aruba een contractuele rente van maximaal 1,5% per maand of 18% per jaar aanvaardbaar is en dat hogere rentepercentages nietig zijn wegens strijd met de goede zeden en/of openbare orde. Dit oordeel sluit aan bij een eerdere uitspraak van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van 25 oktober 2016.
De deskundigenrapportage, die niet is bestreden door partijen, stelt vast dat de overeengekomen rente 9,25% hoger is dan het toegestane maximum. Hierdoor is het meerdere boven 18% nietig. IFA heeft haar eis gewijzigd, maar gedaagde heeft nog niet kunnen reageren op deze gewijzigde eis, hetgeen het Gerecht noodzakelijk acht.
Daarom wordt gedaagde in de gelegenheid gesteld alsnog te reageren op de gewijzigde eis, waarna IFA weer kan reageren. De verdere beslissing wordt aangehouden totdat deze processtappen zijn doorlopen.
Uitkomst: Het Gerecht stelt partijen in de gelegenheid nadere proceshandelingen te verrichten en houdt verdere beslissing aan.