Uitspraak
1.DE PROCEDURE
- het verzoekschrift, ingediend op 9 maart 2017;
- de griffiersaantekeningen van de mondelinge behandeling achter gesloten deuren van 6 juni 2017, waaruit blijkt dat zijn verschenen partijen bijgestaan door hun gemachtigden.
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
Het verzoek tot wijziging van de alimentatieverplichting van de man is ingediend op 9 maart 2017 en behandeld op 6 juni 2017. De man verzocht om verlaging van de kinderalimentatie van Afl. 300,- naar Afl. 200,- en het beëindigen van de partneralimentatie. De vrouw voerde verweer en ontkende samenwoning.
De rechtbank overwoog dat op grond van artikel 1:401 BW Pro een wijziging van alimentatie mogelijk is bij gewijzigde omstandigheden. De man stelde dat de vrouw samenwoont als ware gehuwd met een ander en dat zijn draagkracht is verminderd. De vrouw ontkende dit en stelde dat de man voldoende draagkracht heeft.
De rechtbank oordeelde dat de man onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat sprake is van een duurzame levensgemeenschap tussen de vrouw en een ander, zoals vereist volgens vaste jurisprudentie. Ook heeft de man geen recente financiële gegevens overgelegd ter onderbouwing van zijn verzoek. Daarom werd het verzoek afgewezen.
Wel werd aan de vrouw toestemming verleend om kosteloos te procederen op grond van haar overgelegde bewijs van onvermogen. De proceskosten worden ieder door de eigen partij gedragen.
Uitkomst: Het verzoek tot verlaging van kinder- en partneralimentatie wordt afgewezen en de vrouw krijgt toestemming om kosteloos te procederen.