ECLI:NL:OGEAA:2017:714
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- W.J. Noordhuizen
- Rechtspraak.nl
Betaling vordering en verrekening borg bij beëindigde huurovereenkomst
G* huurde een appartement van E* voor 12 maanden met een maandelijkse huur van Afl. 1.500 en betaalde een borg van hetzelfde bedrag. Na beëindiging van de huurovereenkomst en ontruiming van het appartement vordert E* betaling van een bedrag van Afl. 2.166 vermeerderd met een contractuele boete van 1,5% per maand vanaf februari 2016.
E* baseert zijn vordering mede op een handgeschreven briefje waarin G* een betalingsverplichting erkent. G* ontkent dit niet gemotiveerd en biedt geen tegenbewijs. Wel wijst G* op de betaalde borg, die E* aanvankelijk niet wilde verrekenen omdat de huur voortijdig werd beëindigd, maar dit standpunt kwam te laat in de procedure.
Het gerecht oordeelt dat G* recht heeft op verrekening van de borg met het verschuldigde bedrag, waardoor een bedrag van Afl. 666 toewijsbaar is, vermeerderd met de gematigde boeterente. Beide partijen worden geacht hun eigen proceskosten te dragen.
Uitkomst: Huurder wordt veroordeeld tot betaling van Afl. 666 plus rente, met verrekening van borg en ieder draagt eigen proceskosten.