ECLI:NL:OGEAA:2017:947

Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba

Datum uitspraak
5 december 2017
Publicatiedatum
7 december 2017
Zaaknummer
EJ nr. 1222 van 2017 / AUA201701781
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Rechters
  • A.H.M. van de Leur
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 1:378 lid 1 sub a BWAArt. 1:386 lid 1 BWAArt. 1:338 BWAArt. 1:359 lid 1 BWA
Verwijzingen
4 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Ondercuratelestelling wegens gemengde dementie met benoeming echtgenote als curatrice

Op 5 december 2017 heeft het Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba besloten om verweerder onder curatele te stellen op verzoek van zijn echtgenote, verzoekster. De ondercuratelestelling is gebaseerd op artikel 1:378 lid 1 sub a van Pro het Burgerlijk Wetboek van Aruba, waarbij is vastgesteld dat verweerder lijdt aan gemengde dementie en daardoor niet in staat is zijn belangen behoorlijk waar te nemen.

Tijdens de zitting waren verzoekster, verweerder en een van de belanghebbenden aanwezig. Verweerder heeft geen bezwaar gemaakt tegen de benoeming van zijn echtgenote als curatrice. Het gerecht acht deze benoeming passend bij de belangen van verweerder.

Daarnaast zijn de verplichtingen van de curatrice ten aanzien van financiële verantwoording en rapportage aan het gerecht vastgesteld, waaronder het doen van een schriftelijke opgave van vermogen binnen acht weken en het jaarlijks indienen van een rekening van het bewind. De kosten van de procedure worden gecompenseerd tussen partijen, waarbij ieder zijn eigen kosten draagt.

Uitkomst: Verweerder wordt onder curatele gesteld wegens gemengde dementie en verzoekster benoemd tot curatrice.

Uitspraak

Beschikking van 5 december 2017
behorend bij EJ nr. 1222 van 2017 / AUA201701781
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA
BESCHIKKING
op het verzoek van:
[Verzoekster],
wonende in Aruba,
VERZOEKSTER,
gemachtigde: de advocaat mr. C. Helen Lejuez,
om ondercuratelestelling van haar echtgenoot:
[Verweerder],
wonende in Aruba, te [adres],
VERWEERDER, hierna te noemen [verweerder],
in persoon.
Belanghebbenden:
1. [belanghebbende sub 1], de dochter,
2. [belanghebbende sub 2], de zoon.

1.DE PROCEDURE

De procedure blijkt uit:
  • het verzoekschrift, ingediend op 14 juni 2017;
  • de griffiersaantekeningen van de behandeling van 24 oktober 2017, waaruit blijkt dat zijn verschenen de verzoekster bijgestaan door haar gemachtigde, [verweerder] in persoon en de belanghebbende sub 1 in persoon.
De uitspraak is bepaald op heden.

2.HET VERZOEK

Het verzoek strekt ertoe dat [verweerder] onder curatele wordt gesteld met benoeming van verzoekster tot zijn curatrice. Daartoe wordt aangevoerd dat [verweerder] niet in staat is of bemoeilijkt wordt om zijn belangen naar behoren waar te nemen.

3.DE BEOORDELING

3.1
Het verzoek is gegrond op artikel 1:378, lid 1 en onder sub a van het Burgerlijk Wetboek van Aruba (BWA). Ingevolge deze bepaling kan de rechter een meerderjarige onder curatele stellen wegens een geestelijke stoornis waardoor de gestoorde, al dan niet met tussenpozen, niet in staat is of bemoeilijkt wordt zijn belangen behoorlijk waar te nemen. Uit de verklaringen van de verzoekster, de andere familieleden, de behandelend geneesheer, dr. [behandelend geneesheer], MD PhD, en de ondervraging van [verweerder] is gebleken dat hij gediagnosticeerd is met “mixed dementia” (gemengde dementie) en wegens een geestelijke stoornis niet in staat is of bemoeilijkt wordt zijn belangen behoorlijk waar te nemen. Het verzoek tot ondercuratelestelling is dan ook voor toewijzing vatbaar.
3.2 [
verweerder] heeft te kennen gegeven geen bezwaar te hebben tegen benoeming van zijn echtgenote tot zijn curatrice. Deze benoeming strookt ook naar het oordeel van het gerecht het meest met de belangen van de gerekestreerde. Nu voor het overige niet van bezwaren daartegen is gebleken, zal het gerecht dienovereenkomstig beslissen.
3.3
De curatrice dient ingevolge artikel 1:386 lid 1 van Pro het Burgerlijk Wetboek (BW) juncto artikel 1:338 BW Pro
binnen acht wekenna aanvang van haar taak als curatrice een schriftelijke opgave ter griffie van dit gerecht te doen van de bij het begin van de curatele aanwezige gerede gelden, effecten aan toonder en spaarbankboekjes.
De curatrice dient voorts
binnen acht maandenna aanvang van haar taak als curatrice ter bevestiging van haar deugdelijkheid een door haar ondertekende boedelbeschrijving bij de griffie van dit gerecht in te dienen. In de boedelbeschrijving is begrepen opgave van de wijzigingen in de samenstelling van het vermogen tot het ogenblik dat zij wordt opgemaakt.
3.4
De curatrice dient ingevolge artikel 1:386 lid 1 BW Pro in samenhang met artikel 1:359 lid 1 BW Pro
jaarlijkseen rekening van zijn bewind over de goederen van de onder curatele gestelde ter griffie van dit gerecht in te dienen, voor het eerst uiterlijk op
1 juni 2018.
3.5
In de aard van de procedure ziet het Gerecht aanleiding om de kosten van deze procedure te compenseren tussen partijen, aldus dat ieder van hen de eigen kosten draagt.

4.DE BESLISSING

Het gerecht:
stelt [verweerder], geboren op [geboortedatum] 1937 in [geboorteplaats], onder curatele,
benoemt over de onder curatele gestelde tot curatrice zijn echtgenote, [verzoekster], geboren op [geboortedatum] 1945 in [geboorteplaats] en wonende in Aruba,
bepaalt dat deze uitspraak vanwege de curatrice binnen tien (10) dagen nadat deze ten uitvoer kan worden gelegd, wordt geplaatst in de Landscourant van Aruba, alsmede in de dagbladen “DIARIO” en “AMIGOE DI ARUBA”,
compenseert de kosten van deze procedure tussen partijen, aldus dat ieder van hen de eigen kosten draagt.
Deze beschikking is gegeven door mr. A.H.M. van de Leur, rechter in dit gerecht, ter terechtzitting van dinsdag 5 december 2017 in tegenwoordigheid van de griffier.