ECLI:NL:OGEAA:2018:10
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep gegrond wegens onvoldoende motivering afwijzing vergunning tijdelijk verblijf
Appellant heeft een verzoek ingediend voor een vergunning tot tijdelijk verblijf om als finance manager werkzaam te zijn, welke door verweerder op 7 december 2016 is afgewezen. Appellant maakte bezwaar tegen deze afwijzing, waarop geen beslissing werd genomen. Hiertegen stelde appellant beroep in bij het Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba.
Tijdens de behandeling van de zaak op 6 november 2017 heeft het gerecht overwogen dat het uitblijven van een beslissing op het bezwaar gelijkstaat aan een afwijzing, maar dat deze beslissing niet deugdelijk is gemotiveerd. Verweerder heeft zich in het verweer beperkt tot de primaire grond dat de werkgever een uitzendbureau is, zonder in te gaan op het bezwaar dat appellant geen uitzendkracht is maar in vaste dienst zal treden.
Het gerecht oordeelt dat de afwijzing onvoldoende gemotiveerd is en vernietigt de beschikking. Verweerder wordt opgedragen binnen drie maanden een nieuwe, reële beslissing te nemen. Tevens wordt verweerder veroordeeld tot betaling van proceskosten en terugbetaling van het griffierecht. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en verweerder dient binnen drie maanden een nieuwe beslissing te nemen.