ECLI:NL:OGEAA:2018:261
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- W.J. Noordhuizen
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens termijnoverschrijding bij bestuurlijke boetes
Appellante, AMTR N.V., heeft beroep ingesteld tegen een beschikking van de Centrale Bank van Aruba waarin twee bestuurlijke boetes zijn opgelegd. De bezwaarprocedure werd door verweerder ongegrond verklaard. Het beroepschrift werd echter één dag na de wettelijke termijn ingediend.
Het gerecht heeft appellante in de gelegenheid gesteld om aannemelijk te maken dat het beroepschrift zo spoedig als redelijkerwijs verlangd kon worden is ingediend, conform artikel 28, derde lid, van de Landsverordening administratieve rechtspraak (Lar). Appellante heeft van deze mogelijkheid geen gebruik gemaakt.
Daarom oordeelt het gerecht dat er geen gronden zijn om de termijnoverschrijding te verontschuldigen. Op grond van artikel 32 sub a Lar Pro is het beroep kennelijk niet-ontvankelijk en wordt het beroep dan ook niet-ontvankelijk verklaard.
Er is geen grondslag voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij het Hof binnen zes weken na dagtekening van de beslissing.
Uitkomst: Het beroep van appellante is niet-ontvankelijk verklaard wegens het één dag te laat indienen van het beroepschrift zonder verontschuldiging.