ECLI:NL:OGEAA:2018:494

Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba

Datum uitspraak
4 september 2018
Publicatiedatum
6 september 2018
Zaaknummer
E.J. AUA 201802363
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Ontbinding arbeidsovereenkomst wegens grensoverschrijdend seksueel gedrag en pesterijen door leidinggevende

De stichting Fundacion Parke Nacional Arikok (FPNA) verzocht om ontbinding van de arbeidsovereenkomst met een werknemer wegens dringende redenen, met name grensoverschrijdend seksueel getint gedrag en pesterijen jegens vrouwelijke uitzendkrachten onder zijn leiding. De werknemer ontkende de klachten.

Het gerecht stelde vast dat op 3 mei 2018 schriftelijke klachten waren ingediend door twee vrouwelijke uitzendkrachten, ondersteund door verklaringen van andere medewerkers en printscreens van een groepschat waarin vernederende uitlatingen en pogingen tot versieren door de werknemer werden getoond. Het gedrag werd als ernstig verwijtbaar beoordeeld, mede vanwege de leidinggevende positie van de werknemer.

Het gerecht oordeelde dat dit gedrag een dringende reden tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst oplevert, waardoor ontbinding zonder vergoeding gerechtvaardigd is. De proceskosten worden ieder voor eigen rekening genomen. De beschikking werd uitgesproken op 4 september 2018.

Uitkomst: De arbeidsovereenkomst wordt ontbonden wegens dringende reden zonder vergoeding en ieder draagt eigen proceskosten.

Uitspraak

Beschikking van 4 september 2018
Behorend bij E.J. AUA 201802363
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA
BESCHIKKING
in de zaak van:
de stichting
FUNDACION PARKE NACIONAL ARIKOK,
te Aruba,
hierna ook te noemen: FPNA,
gemachtigde: de advocaat mr. Z.T.M. Arendsz-Marchena,
tegen:
[verweerder],
wonende te Aruba,
hierna ook te noemen: [verweerder],
gemachtigden: de advocaat mr. G. de Hoogd, geoccupeerd door mr. D.L. Emerencia.

1.DE PROCEDURE

Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het verzoekschrift, met producties;
- de brief met nadere producties van de zijde van FPNA
- het verweerschrift, met producties;
- de behandeling ter zitting van 22 augustus 2018 en de daarvan gemaakte aantekeningen van de griffier.
Aan partijen is meegedeeld dat vandaag beschikking zou worden gegeven.

2.HET VERZOEK EN HET VERWEER

2.1
FPNA verzoekt het gerecht om de arbeidsovereenkomst met [verweerder] met onmiddellijke ingang te ontbinden op grond van gewichtige redenen, zonder toekenning van een vergoeding, met veroordeling van [verweerder] in de proceskosten.
2.2
FPNA baseert, kort gezegd, haar verzoek op de aanwezigheid van een (uitgestelde) dringende reden en subsidiair op verandering van omstandigheden. Op de argumenten zal hierna – voor zover relevant – nader worden ingegaan.
2.3 [
verweerder] voert gemotiveerd verweer en concludeert tot afwijzing van het verzoek.

3.DE BEOORDELING

3.1 [
verweerder] is sedert 27 juni 2002 in dienst bij (de voorganger van) FPNA, laatstelijk in de leidinggevende functie van Assistent Hoofd Kassière.
3.2
FPNA heeft aan het verzoek tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst onder meer ten grondslag gelegd dat [verweerder] zich schuldig heeft gemaakt aan grensoverschrijdend seksueel getint gedrag en pesterijen richting aan hem ondergeschikte medewerksters.
3.3
Vastgesteld wordt dat op 3 mei 2018 een tweetal schriftelijke klachten over [verweerder] zijn binnengekomen van vrouwelijke uitzendkrachten [X] en [Y] die onder leiding van [verweerder] bij FPNA werken. In deze klachten wordt onder andere melding gemaakt dat [verweerder] hen herhaaldelijk op een seksueel getinte manier heeft benaderd en dat sprake is van systematisch pesten door [verweerder].
3.4
Voorop wordt gesteld dat indien voldoende komt vast te staan dat [verweerder] zich schuldig heeft gemaakt aan het in deze klachten genoemde grensoverschrijdende seksueel getinte gedrag en pesterijen, hij hiermee aan FPNA een dringende reden tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst heeft gegeven.
3.5
Alhoewel [verweerder] de tegen hem ingediende klachten ontkent, acht het gerecht voldoende aannemelijk geworden dat [verweerder] zich schuldig heeft gemaakt aan het in de klachten genoemde grensoverschrijdende seksueel getinte gedrag en pesterijen ten opzichte van deze twee vrouwelijke uitzendkrachten die onder zijn leiding werken. Hiertoe overweegt het gerecht allereerst dat de verklaringen van [X] en [Y] niet op zichzelf staan maar steun vinden in elkaar en in verklaringen van andere medewerkers, waaronder [Z]. Zij verklaart dat [verweerder] op een slechte manier omgaat met uitzendkrachten en dat sprake is van pesterijen. De door [X] en [Y] geuite klachten omtrent grensoverschrijdend seksueel getint gedrag van en pesterijen door [verweerder] worden echter met name ondersteund door de zich in het dossier bevindende printscreens van een groep-chatgesprek waaraan [verweerder] en een aantal andere collega’s van [X] en [Y] hebben deelgenomen. Hieruit blijkt dat [X], die zelf geen deelnemer is van de groep-chat, onder de collega’s op een vernederende manier over de tong gaat. [verweerder], zijnde de leidinggevende van [X], doet hieraan actief mee. Voorts blijkt hieruit dat andere collega’s van [verweerder] en [X] ervan op de hoogte zijn dat [verweerder] een oogje heeft op [X] en dat hij haar probeert te versieren.
3.6
Door aldus te handelen heeft [verweerder] naar het oordeel van het gerecht aan FPNA een dringende reden gegeven tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst. Dit klemt te meer nu [verweerder] een leidinggevende positie (lees tevens: voorbeeldfunctie) heeft bij FPNA en het ernstig verwijtbare gedrag van [verweerder] zich richtte tegen kwetsbare aan hem ondergeschikte ingeleende medewerksters.
3.7
De arbeidsovereenkomst wordt dus ontbonden wegens een dringende reden en dat betekent dat er geen vergoeding kan worden vastgesteld.
3.8
Gelet op de aard van de procedure ziet het Gerecht aanleiding te bepalen dat iedere partij de eigen proceskosten draagt.

4.DE UITSPRAAK

De rechter in dit gerecht:
ontbindt de tussen partijen bestaande arbeidsovereenkomst met ingang van heden;
compenseert de proceskosten en wel zo dat iedere partij de eigen kosten draagt.
Deze beschikking is gegeven door mr. S. Verheijen, rechter in dit gerecht en werd uitgesproken ter openbare terechtzitting van dinsdag 4 september 2018 in aanwezigheid van de griffier.