ECLI:NL:OGEAA:2018:507

Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba

Datum uitspraak
22 augustus 2018
Publicatiedatum
10 september 2018
Zaaknummer
A.R. AUA201800816
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Aangehouden
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 5 RvArt. 15 Haags Betekeningsverdrag 1965
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Aanhouding zaak wegens onduidelijkheid betekening buitenlandse vennootschappen

De coöperatieve vereniging Caribbean Palm Village Resort (CPVR) heeft een procedure gestart tegen meerdere buitenlandse vennootschappen, waaronder Protrade International Inc. en Mitsubishi Heavy Industries America Inc., die niet zijn verschenen.

Het gerecht constateert dat de oproeping van de verweerders heeft plaatsgevonden via betekening aan de directeur van de Directie Wetgeving en Juridische Zaken (DWJZ) in Aruba, conform artikel 5 Wetboek Pro van Burgerlijke Rechtsvordering. Echter is niet gebleken dat de DWJZ ervoor heeft gezorgd dat de stukken daadwerkelijk en tijdig aan de belanghebbenden zijn overhandigd.

Gezien het Haags Betekeningsverdrag van 1965, waarbij Aruba en de Verenigde Staten partij zijn, moet de rechter aanhouden totdat is bewezen dat de betekening volgens de wettelijke voorschriften van de aangezochte staat correct is uitgevoerd. Omdat dit bewijs ontbreekt en Aruba niet heeft verklaard dat de rechter ook zonder bewijs mag beslissen, wordt de zaak aangehouden en verwezen naar de parkeerrol. CPVR kan de zaak weer op de rol brengen zodra aan de betekeningseisen is voldaan of de verweerders vrijwillig verschijnen.

Uitkomst: De zaak wordt aangehouden en verwezen naar de parkeerrol totdat aan de betekeningseisen is voldaan.

Uitspraak

Vonnis van 22 augustus 2018
Behorend bij A.R. AUA201800816
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA
VONNIS
in de zaak van:
de coöperatieve vereniging
CARRIBBEAN PALM VILLAGE RESORT .,
te Aruba,
hierna ook te noemen: CPVR,
gemachtigde: de advocaat mr. G. de Hoogd,
tegen:
1. de vennootschap naar vreemd recht
PROTRADE INTERNATIONAL INC.,
hierna ook te noemen: Protrade,
te Miami, Florida, Verenigde Staten van Amerika,
2. de vennootschap naar vreemd recht
AIR GREEN CORP.,
te Guaynabo, Puerto Rico,
3. de vennootschap naar vreemd recht
AIR GREEN CORP.,
te Ft. Lauderdale, Florida, Verenigde Staten van Amerika,
4. de vennootschap naar vreemd recht
MITSUBISHI HEAVY INDUSTRIES AMERICA INC.,
te New York, Verenigde Staten,
hierna ook te noemen: Protrade c.s.
niet verschenen.

1.DE PROCEDURE

Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het verzoekschrift;
- de aantekeningen op de rolzitting van 27 juni 2018 waaruit blijkt dat Protrade c.s. niet is verschenen.
De zaak is ambtshalve verwezen naar de rol voor rolbeschikking.

2.AMBTSHALVE

2.1
Het gerecht constateert dat Protrade c.s. is opgeroepen door betekening van het verzoekschrift overeenkomstig artikel 5 aanhef Pro en onder 8 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) aan de directeur van de Directie Wetgeving en Juridische Zaken (verder: DWJZ).
2.2
Ingevolge artikel 5 aanhef Pro en onder 8 Rv draagt de directeur DWJZ er zoveel mogelijk zorg voor dat het stuk de belanghebbenden ten spoedigste bereikt. Uit het dossier blijkt niet dat hieraan is voldaan. Het gerecht zal de griffier opdragen bij de directeur te informeren hoe aan dit voorschrift is voldaan.
2.3
Land Aruba is sinds 27 juli 1986 partij bij het Haags Betekeningsverdrag 1965, zoals ook de Verenigde Staten van Amerika dat zijn. Artikel 15 van Pro het Haags Betekeningsverdrag, in de Nederlandse vertaling, luidt:
Wanneer een stuk dat het geding inleidt of een daarmede gelijk te stellen stuk ter betekening of kennisgeving overeenkomstig de bepalingen van dit Verdrag, naar het buitenland moest worden gezonden en de verweerder niet is verschenen, houdt de rechter de beslissing aan totdat is gebleken dat:a) hetzij van het stuk betekening of kennisgeving is gedaan met inachtneming van de vormen in de wetgeving van de aangezochte Staat voorgeschreven voor de betekening of de kennisgeving van stukken die in dat land zijn opgemaakt en bestemd zijn voor zich op het grondgebied van dat land bevindende personen,b) hetzij het stuk aan de verweerder in persoon of aan zijn woonplaats is afgegeven op een andere in dit Verdrag geregelde wijze, en dat de betekening of de kennisgeving, onderscheidenlijk de afgifte zo tijdig is geschied dat de verweerder gelegenheid heeft gehad verweer te voeren.
Iedere Verdragsluitende Staat is bevoegd te verklaren dat zijn rechters in afwijking van het bepaalde in het eerste lid een beslissing kunnen geven, ook als geen bewijs, hetzij van betekening of kennisgeving, hetzij van afgifte is ontvangen, indien aan elk van de volgende voorwaarden is voldaan:a) het stuk is toegezonden op een van de in dit Verdrag geregelde wijzen,b) sedert het tijdstip van toezending van het stuk een termijn is verlopen die door de rechter voor elk afzonderlijk geval zal worden vastgesteld, doch die ten minste zes maanden zal bedragen,c) in weerwil van alle daartoe bij de bevoegde autoriteiten aangewende pogingen geen bewijs kon worden verkregen.Het bepaalde in dit artikel belet niet dat door de rechter in spoedeisende gevallen voorlopige of conservatoire maatregelen kunnen worden genomen.
2.4
Het is het gerecht niet gebleken dat Land Aruba, anders dan Nederland, van de mogelijkheid gebruik heeft gemaakt om de rechter de bevoegdheid te verlenen een beslissing te nemen, ook als geen bewijs van betekening of kennisgeving, hetzij van afgifte is ontvangen.
2.5
Het gerecht zal verder behandeling van het verzoek daarom aanhouden totdat
1) door middel van de griffier informatie is verkregen hoe door de directeur DWJZ is voldaan aan het voorschrift, dat zoveel mogelijk ervoor zorg is gedragen dat het stuk de belanghebbenden ten spoedigste bereikt;
2) is voldaan aan het voorschrift van artikel 15 Haags Pro Betekeningsverdrag 1965.
2.6
De zaak zal naar de parkeerrol worden verwezen tot is gebleken dat aan bovenstaande betekeningsvoorwaarden is voldaan. CPVR kan verzoeken de zaak weer op de rol te brengen als haar gebleken is dat aan de betekeningsvoorschriften is voldaan of Protrade c.s. te kennen hebben gegeven vrijwillig te zullen verschijnen.
2.7
Iedere verdere beslissing zal worden aangehouden.

3.DE UITSPRAAK

De rechter in dit gerecht:
verwijst de zaak naar de parkeerrol van 12 december 2018;
houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit vonnis is gewezen door mr. J. Sap rechter in dit gerecht, en werd uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 22 augustus 2018 in aanwezigheid van de griffier.