ECLI:NL:OGEAA:2018:656
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Herstel dienstbetrekking na kennelijk onredelijk ontslag bij Land Aruba
Verzoekster was sinds 1 november 2010 op basis van een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd in dienst van het Land Aruba. De arbeidsovereenkomst liep met de regeerperiode van het kabinet Eman II af op 31 oktober 2017. Na het aantreden van het kabinet Wever-Croes bleef verzoekster doorwerken tot 15 januari 2018 zonder dat duidelijk was op welke rechtsgrond dit gebeurde.
Het Land Aruba zegde het dienstverband op 27 december 2017 op met een opzegtermijn tot 31 januari 2018, waarbij het ontslag werd gebaseerd op het afscheidsbeleid en de demissionaire periode van het vorige kabinet. Verzoekster stelde dat het ontslag kennelijk onredelijk was en verzocht om herstel van de dienstbetrekking of een vergoeding.
Het gerecht oordeelde dat het ontslag niet voldeed aan de eisen van redelijkheid en billijkheid, mede omdat het Land geen duidelijke reden gaf voor het ontslag en het ontslag diffamerend was doordat het verband hield met het eerdere kabinet. Het Land werd veroordeeld tot herstel van de dienstbetrekking met ingang van 1 februari 2018 of, bij weigering, tot betaling van een vergoeding van circa vier maanden loon. Tevens werd het Land veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het Land Aruba wordt gelast de dienstbetrekking te herstellen of een vergoeding van circa vier maanden loon te betalen wegens kennelijk onredelijk ontslag.