ECLI:NL:OGEAA:2018:672
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep na verlening vergunning tijdelijk verblijf als inwonende dienstbode
Appellanten verzochten op 9 november 2016 om een vergunning voor tijdelijk verblijf voor appellant sub 1 om als inwonende dienstbode bij appellant sub 2 te werken. Dit verzoek werd bij beschikking van 29 mei 2017 afgewezen. Appellanten maakten bezwaar en stelden beroep in tegen het uitblijven van een beslissing op het bezwaar.
Tijdens de zitting van 24 september 2018 deelde verweerder mede dat op 28 februari 2018 de gevraagde vergunning was verleend en overhandigde hiervan een kopie. Hierdoor was het belang van appellanten bij het beroep komen te vervallen.
Het gerecht verklaarde het beroep niet-ontvankelijk en gelastte de terugbetaling van het betaalde griffierecht. Een veroordeling in kosten werd afgewezen wegens het niet leiden tot vernietiging van de bestreden beschikking. Appellanten werd gewezen op de mogelijkheid tot hoger beroep binnen zes weken.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat de vergunning inmiddels is verleend.