ECLI:NL:OGEAA:2018:716
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Afwijzing loonvordering uitzendkracht wegens niet verrichte arbeid na beëindiging uitzending
Op 23 april 2018 sloten partijen een uitzendovereenkomst. Ten tijde van het aangaan beschikte de uitzendorganisatie niet over de vereiste vergunning zoals voorgeschreven in de Landsverordening ter beschikking stellen van arbeidskrachten.
De uitzendkracht werd op 1 juni 2018 meegedeeld dat er geen werk meer voor hem was. Hij vorderde loonbetaling vanaf die datum, stellende dat door het ontbreken van de vergunning de uitzendovereenkomst van rechtswege was omgezet in een arbeidsovereenkomst.
De rechter oordeelde dat het ontbreken van de vergunning geen gevolgen heeft voor de arbeidsrelatie tussen uitzendkracht en uitzendorganisatie. Omdat de uitzendkracht sinds 1 juni 2018 geen arbeid meer heeft verricht, heeft hij geen recht op loon. De vordering werd afgewezen en de uitzendkracht werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De loonvordering wordt afgewezen omdat de uitzendkracht geen arbeid meer heeft verricht na beëindiging van zijn uitzending.