ECLI:NL:OGEAA:2018:818
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot schorsing verwijderingsbevel wegens illegaal verblijf in Aruba
Verzoeker, van Dominicaanse nationaliteit, werd op 16 september 2018 door de politie aangetroffen zonder geldige verblijfstitel in Aruba. Zijn laatst verleende vergunning tot tijdelijk verblijf was op 28 juni 2017 verlopen en hij had geen verlengingsaanvraag ingediend. Verweerder, de Minister van Justitie, Veiligheid en Integratie, heeft daarop een verwijderingsbevel uitgevaardigd.
Verzoeker stelde dat er zicht bestond op legalisering omdat hij een nieuwe werkgever had gevonden en een afspraak had om een nieuwe verblijfsvergunning aan te vragen. Het gerecht oordeelde echter dat dit vooruitzicht op legalisering onvoldoende was om het verwijderingsbevel te schorsen. Het illegale verblijf na het verlopen van de vergunning vormde een geldige grond voor verwijdering.
Verder wees het gerecht het beroep van verzoeker op het recht op voortzetting van family life af, omdat de beoogde vergunning slechts diende voor arbeid in loondienst. Het verzoek tot schorsing van het verwijderingsbevel werd daarom afgewezen. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzoek tot schorsing van het verwijderingsbevel wordt afgewezen wegens illegaal verblijf zonder uitzicht op legalisering.