ECLI:NL:OGEAA:2018:9
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring beroep wegens intrekking vergunning tijdelijk verblijf
Appellante had een vergunning tot tijdelijk verblijf aangevraagd om in het kader van gezinshereniging bij haar echtgenoot te verblijven. Deze aanvraag werd op 28 november 2016 door verweerder afgewezen omdat de echtgenoot destijds niet over een geldige verblijfstitel beschikte. Appellante maakte bezwaar en stelde beroep in tegen het uitblijven van een beslissing op dat bezwaar.
Tijdens de zitting gaf verweerder aan dat inmiddels aan de echtgenoot een vergunning tot tijdelijk verblijf was toegekend. Naar aanleiding hiervan werd de eerdere afwijzing heroverwogen en zal aan appellante een vergunning worden toegekend. Hierdoor is het belang bij het beroep komen te vervallen.
Het gerecht verklaarde het beroep niet-ontvankelijk en gelastte de terugbetaling van het betaalde griffierecht. Een veroordeling in proceskosten werd afgewezen wegens het ontbreken van een wettelijke grondslag bij niet-ontvankelijkverklaring.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat het belang bij het beroep is komen te vervallen door de toekenning van de vergunning tijdelijk verblijf aan de echtgenoot.