Uitspraak
1.DE PROCEDURE
2.DE VASTSTAANDE FEITEN IN CONVENTIE EN IN RECONVENTIE
3 jaar: 8,5%;
5 jaar: 10%
10 jaar: 12%.
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
Partijen zijn een cao overeengekomen met daarin een spaarregeling voor werknemers van RBC Royal Bank Aruba. RBC beëindigde de spaarregeling voor haar klanten en vervolgens ook voor haar werknemers, wat leidde tot een geschil met de vakbond FTA. Het geschil werd voorgelegd aan het Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba.
Het Gerecht beoordeelde de cao-bepalingen, waaronder de artikelen 28, 29 en Bijlage VII, en concludeerde dat de bepalingen niet eenduidig waren, maar dat uit de cao en het reglement een overlegverplichting voortvloeit alvorens arbeidsvoorwaarden eenzijdig te wijzigen. RBC had dit overleg niet gevoerd.
De eenzijdige beëindiging van de spaarregeling door RBC werd daarmee als onrechtmatig beschouwd. De vordering van RBC tot verklaring van recht werd afgewezen. De vordering van FTA tot vernietiging van een bepaling in de voorwaarden werd niet ontvankelijk verklaard omdat deze bij het Hof moet worden ingediend. De proceskosten werden gecompenseerd.
Uitkomst: De vordering van RBC tot verklaring voor recht wordt afgewezen en FTA wordt niet ontvankelijk verklaard in haar vordering.