Uitspraak
1.DE PROCEDURE
2.DE VASTSTAANDE FEITEN
3.DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN
4.DE BEOORDELING
fictieve facturenvan Pro Care om daarmee de factuurbedragen rechtstreeks aan hemzelf uit te betalen (r.o. 4.3 van de beschikking). Daarmee is voorshands voldoende aannemelijk geworden dat, zoals van de zijde van [gedaagde] is gesteld, de valse facturen niet waren verwerkt in de administratie van Pro Care en dat [gedaagde] als werkneemster van Pro Care daar ook niet bij betrokken was. Ook heeft Pro Care niet het verweer van [gedaagde] betwist dat zij in de strafzaak tegen [ex-directeur] wel als getuige is gehoord, maar dat zij nimmer als verdachte is aangemerkt.