ECLI:NL:OGEAA:2019:290
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vermindering bestuurlijke boete wegens onvoldoende evenwichtige belangenafweging bij fraude pensioenfonds Aruba
Stichting Pensioenfonds Havenwerkers Aruba (SPHA) kreeg van de Centrale Bank van Aruba een bestuurlijke boete opgelegd van Afl. 187.500 wegens het niet adequaat inrichten van haar bedrijfsvoering, waardoor fraude door een medewerker van de administrateur over een periode van 2009 tot eind 2014 onopgemerkt bleef. SPHA maakte bezwaar tegen deze boete, dat door de Bank werd afgewezen, waarna SPHA beroep instelde bij het Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba.
Het gerecht oordeelde dat SPHA inderdaad artikel 6 van Pro de Landsverordening ondernemingspensioenfondsen (Lop) had overtreden door onvoldoende waarborgen te bieden voor een integere bedrijfsvoering. De Bank had de boete verhoogd vanwege de ernst en duur van de overtreding, maar ook verlaagd wegens de inspanningen van SPHA om de schade te beperken en het bedrag grotendeels te verhalen.
Het gerecht stelde vast dat de Bank ten onrechte aan de verhogende en verlagende omstandigheden geen gelijk gewicht had toegekend. Gezien de gemiddelde verwijtbaarheid en de omvang van de fraude achtte het gerecht een boete van Afl. 125.000 passend en geboden. De bestreden beslissing werd vernietigd, de boete verlaagd en de Bank veroordeeld in de proceskosten. Het griffierecht werd aan SPHA terugbetaald.
Uitkomst: De bestuurlijke boete wordt verminderd van Afl. 187.500 naar Afl. 125.000 en de Bank wordt veroordeeld in de proceskosten.