ECLI:NL:OGEAA:2019:309
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielverzoek wegens onvoldoende concreet en zwaarwegend asielrelaas
Verzoeker, van Venezolaanse nationaliteit, heeft een asielverzoek ingediend dat door de Minister van Justitie, Veiligheid en Integratie is afgewezen. Tegen deze beschikking heeft verzoeker bezwaar gemaakt en vervolgens een verzoek ex artikel 54 van Pro de Landsverordening administratieve rechtspraak ingediend bij het Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba.
Tijdens de zitting op 8 mei 2019 was verzoeker niet aanwezig, maar zijn gemachtigde wel. De voorzieningenrechter oordeelde dat het asielrelaas onvoldoende concreet en zwaarwegend was om te kunnen concluderen dat sprake is van vluchtelingschap. Verzoeker heeft geen aannemelijke gegronde vrees voor vervolging in Venezuela gesteld en is bovendien vaag gebleven over relevante details.
Hoewel de bedreiging door aanhangers van burgemeester Sanchez geloofwaardig werd geacht, heeft verzoeker nagelaten om bescherming van de autoriteiten te zoeken. Tevens heeft verzoeker pas na detentie asiel aangevraagd, zich niet aan de meldplicht gehouden en is niet verschenen bij de zitting, wat afbreuk doet aan de intentie van het asielverzoek.
Er is geen aanwijzing dat Venezuela een situatie kent waarbij iedereen risico loopt op schending van artikel 3 EVRM Pro, noch dat verzoeker tot een kwetsbare groep behoort die bijzondere bescherming behoeft. De bestreden beschikking blijft daarom in stand en er wordt geen voorlopige voorziening getroffen. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzoek ex artikel 54 Lar wordt afgewezen wegens onvoldoende concreet asielrelaas en gebrek aan gegronde vrees voor vervolging.