ECLI:NL:OGEAA:2019:313
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek schorsing bestreden beschikking verblijf Aruba wegens niet tijdig verlaten
Verzoekster had een toeristisch verblijf op Aruba van 26 augustus tot 26 oktober 2018 en heeft daarna geen verlenging aangevraagd. Op 26 oktober 2018 sloot zij een notariële samenlevingsovereenkomst met haar partner, die op Aruba is geboren en de Nederlandse nationaliteit heeft. Op 16 november 2018 vroeg verzoekster een vergunning voor verblijf bij haar partner aan.
Verweerder wees erop dat een samenlevingsovereenkomst niet gelijkgesteld kan worden aan een huwelijk en dat verzoekster sinds 27 oktober 2018 illegaal verbleef omdat zij haar toeristisch verblijf niet had verlengd. Verzoekster had Aruba tijdig moeten verlaten en de aanvraag in het buitenland moeten afwachten, conform het Toelatingshandboek 2018 van Dimas.
Verzoekster beriep zich op het vertrouwensbeginsel, maar kon niet aantonen dat er concrete, ondubbelzinnige toezeggingen waren gedaan door een bevoegd bestuursorgaan. De rechter oordeelde dat verweerder het uitlandigheidsvereiste terecht kon toepassen en wees het verzoek om schorsing van de beschikking af. Tegen deze uitspraak is geen rechtsmiddel mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om schorsing van de afwijzing van de verblijfsvergunning wordt afgewezen.