ECLI:NL:OGEAA:2019:328
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- A.H.M. van de Leur
- Rechtspraak.nl
Vordering Aruba Bank tot betaling door gedaagden toegewezen
Aruba Bank heeft een vordering ingesteld tegen twee gedaagden woonachtig in Aruba, waarbij zij betaling van een bedrag van Afl. 14.581,37 vordert, vermeerderd met 1,5% rente per maand over een hoger bedrag vanaf 1 oktober 2016, alsmede vergoeding van proceskosten.
Tijdens de procedure hebben gedaagden de vordering erkend, waardoor het gerecht de vordering heeft toegewezen. De gedaagden zijn veroordeeld tot betaling van het gevorderde bedrag en de rente, alsmede tot vergoeding van de proceskosten, bestaande uit griffierechten, oproepkosten en het salaris van de gemachtigde van Aruba Bank.
Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard en uitgesproken door rechter A.H.M. van de Leur op 22 mei 2019. De procedure kenmerkte zich door erkenning van de vordering, waardoor de beoordeling zich beperkte tot de hoogte van de gevorderde bedragen en kosten.
Uitkomst: Gedaagden worden veroordeeld tot betaling van de schuld met rente en proceskosten aan Aruba Bank.