ECLI:NL:OGEAA:2019:347
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
- Beschikking
- N.K. Engelbrecht
- Rechtspraak.nl
Ondertoezichtstelling en uithuisplaatsing minderjarige wegens verwaarlozing
Uit het huwelijk tussen de ouders is een minderjarige geboren in 2010 in Haïti. De moeder woont sinds 2013 in Aruba, de minderjarige sinds 2016, terwijl de vader in Haïti verblijft. Eerder zijn de ouders uit het gezag geschorst en is de minderjarige uit huis geplaatst in het kindertehuis Imeldahof.
De Voogdijraad verzoekt om ondertoezichtstelling van de minderjarige voor één jaar en om voortzetting van de plaatsing in het kindertehuis. Uit rapportage blijkt dat de minderjarige sociale problemen heeft en dat de moeder hem fysiek en emotioneel verwaarloost, mede doordat zij hem disciplineert door te slaan en hem vaak alleen thuis laat.
Het gerecht oordeelt dat de minderjarige onder de huidige omstandigheden wordt bedreigd in zijn zedelijke en lichamelijke ontwikkeling en dat ondertoezichtstelling met passende hulpverlening noodzakelijk is. Tevens wordt de voortzetting van de opname in het kindertehuis Imeldahof als noodzakelijk beschouwd in het belang van zijn verzorging en opvoeding.
De beschikking stelt de minderjarige voor de duur van één jaar onder toezicht, benoemt een gezinsvoogdes en beveelt de plaatsing in het kindertehuis, met onmiddellijke ingang en uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De minderjarige wordt voor één jaar onder toezicht gesteld en geplaatst in het kindertehuis Imeldahof wegens fysieke en emotionele verwaarlozing.