ECLI:NL:OGEAA:2019:518

Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba

Datum uitspraak
5 juni 2019
Publicatiedatum
16 augustus 2019
Zaaknummer
AUA 201801235
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Voortzetting civiele procedure na zekerheidsstelling buiten termijn ondanks mislukte minnelijke regeling

In deze civiele procedure tussen Constructora Azzurra C.A., een rechtspersoon naar Venezolaans recht, en CITGO Aruba Refining N.V. heeft het Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba op 5 juni 2019 een vonnis gewezen. De procedure omvatte diverse conclusies en incidenten, waaronder een incident tot zekerheidsstelling.

Partijen waren aanvankelijk bezig met onderhandelingen voor een minnelijke regeling middels een vaststellingsovereenkomst, wat leidde tot een verzoek om uitstel van de termijn voor het stellen van zekerheid. Uiteindelijk zijn partijen echter niet tot een minnelijke regeling gekomen. Azzurra heeft daarop buiten de door het Gerecht bepaalde termijn alsnog zekerheid gesteld.

Citgo verzette zich niet tegen het verder procederen ondanks de late zekerheidstelling. Het Gerecht oordeelde dat er geen reden was om Azzurra niet-ontvankelijk te verklaren wegens het buiten de termijn om stellen van zekerheid. De hoofdzaak wordt dan ook voortgezet in de stand waarin deze zich bevindt en verwezen naar de rol van 3 juli 2019 voor het dienen van de conclusie van antwoord door Citgo.

Uitkomst: De procedure wordt voortgezet ondanks het buiten de termijn om stellen van zekerheid; de zaak is verwezen naar de rol voor verdere behandeling.

Uitspraak

Vonnis van 5 juni 2019
Behorend bij A.R. AUA 201801235
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA
VONNIS
in de zaak van:
de rechtspersoon naar Venezolaans recht
CONSTRUCTORA AZZURRA C.A.,
gevestigd te Venezuela,
domicilie kiezende ten kantore van haar gemachtigde te Aruba
hierna ook te noemen: Azzurra,
gemachtigden: mrs. R.C. Samuels en M.A. Ellis-Schipper,
tegen:
de naamloze vennootschap
CITGO ARUBA REFINING N.V.,
gevestigd te Aruba,
hierna ook te noemen: Citgo,
gemachtigden: mrs. J.A. Saade en W.G.T.M. Kloes.

1.DE PROCEDURE

Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de conclusie van eis met producties;
- de akte eiswijziging van de zijde van Azzurra;
- de incidentele conclusie van Citgo;
- de conclusie van antwoord in het incident van Azzurra;
- het vonnis in het incident tot zekerheidsstelling van 28 november 2018;
- de akte uitlating zekerheidsstelling van de zijde van Azzurra van 12 december 2018;
- de akte uitlating zekerheidsstelling van de zijde van Azzurra van 27 februari 2019;
- de antwoordakte uitlating zekerheidsstelling van de zijde van Citgo.
Vonnis is bepaald op heden.

2.DE BEOORDELING

2.1
Uit de akte uitlating zekerheidsstelling van 12 december 2018 blijkt dat partijen bezig zijn de zaak minnelijk te regelen middels een vaststellingsovereenkomst en dat partijen verzoeken om uitstel van de door het Gerecht bepaalde termijn tot stellen van zekerheid.
2.2
Bij akte uitlating zekerheidsstelling van 27 februari 2019 heeft Azzurra medegedeeld dat partijen niet tot een minnelijke regeling zijn gekomen en heeft overgelegd het bewijs van zekerheidsstelling.
2.3
Gelet op bovengenoemde gang van zaken, te weten dat partijen hebben verzocht om uitstel van de termijn waarbinnen zekerheid diende te worden gesteld wegens onderhandelingen over een minnelijke regeling, gelet op het feit dat partijen niet tot een minnelijke regeling zijn gekomen en Azzurra thans (buiten de termijn) zekerheid heeft gesteld en gelet op het standpunt van Citgo, inhoudende dat zij zich niet verzet tegen verder procederen, ziet het Gerecht geen aanleiding om Azzurra in de hoofdzaak niet-ontvankelijk te verklaren wegens het buiten de termijn om stellen van zekerheid.
2.4
Het voorgaande betekent dat de hoofdzaak zal worden voortgezet in de stand waarin het zich bevond. Het Gerecht zal de zaak daartoe verwijzen naar de rol van woensdag 3 juli 2019 voor dienen conclusie van antwoord in de hoofdzaak van de zijde van Citgo.

3.DE UITSPRAAK

De rechter in dit Gerecht:
verwijst de zaak naar de rol van woensdag 3 juli 2019 voor dienen conclusie van antwoord in de hoofdzaak van de zijde Citgo;
houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit vonnis is gewezen door mr. S. Verheijen, rechter, en is uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 5 juni 2019 in aanwezigheid van de griffier.