ECLI:NL:OGEAA:2019:533

Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba

Datum uitspraak
19 augustus 2019
Publicatiedatum
29 augustus 2019
Zaaknummer
AUA201901232
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 20 LARArt. 23 lid 2 LARArt. 27 lid 2 LARArt. 32 letter c LAR
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vernietiging fictieve afwijzing bezwaar en oplegging termijn voor reële beslissing

Appellante diende op 10 juli 2018 een aanvraag in voor een eerste verblijfsvergunning in het kader van gezinshereniging. Verweerder heeft niet op deze aanvraag beslist. Op 26 november 2018 maakte appellante bezwaar tegen het uitblijven van een beschikking. Omdat verweerder ook op het bezwaar niet besliste, stelde appellante op 12 april 2019 beroep in bij het Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba.

Het gerecht oordeelde dat het beroep tijdig en ontvankelijk was, aangezien de beslissing op het bezwaar niet binnen de wettelijke termijn van twaalf weken was genomen en het beroep binnen acht weken na het verstrijken van die termijn was ingesteld. Het gerecht stelde vast dat de ongemotiveerde, als afwijzend geldende beschikking op het bezwaar niet in stand kon blijven omdat er nog geen reële beslissing was genomen.

Het beroep werd gegrond verklaard, de fictieve afwijzing van het bezwaar vernietigd en verweerder werd opgedragen binnen drie maanden een reële beslissing te nemen. Tevens werd verweerder veroordeeld tot betaling van de proceskosten van appellante, begroot op Afl. 500, en werd het griffierecht van appellante terugbetaald.

Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, de fictieve afwijzing van het bezwaar vernietigd en verweerder krijgt drie maanden om een reële beslissing te nemen.

Uitspraak

Uitspraak van 19 augustus 2019
Lar nr. AUA201901232
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA
UITSPRAAK
op het beroep in de zin van de
Landsverordening administratieve rechtspraak (Lar) van:
[APPELLANTE],
wonend in Aruba,
APPELLANTE,
gemachtigde: de advocaat mr. D. Carolina Lopez Paz,
gericht tegen:
De Minister van Justitie, Veiligheid en Integratie,
zetelend in Aruba,
VERWEERDER.

1.PROCESVERLOOP

Op 10 juli 2018 heeft appellante een aanvraag ingediend ter verkrijging van een eerste verblijfsvergunning in het kader van gezinshereniging.
Verweerder heeft niet beslist op deze aanvraag.
Appellante heeft op 26 november 2018 bezwaar gemaakt tegen het uitblijven van een beschikking.
Tegen het uitblijven van een beslissing op het bezwaar heeft appellante op 12 april 2019 beroep ingesteld bij dit gerecht.
Verweerder heeft geen verweerschrift ingediend.
Uitspraak is bepaald op heden.

2.OVERWEGINGEN

Tijdigheid beroep tegen uitblijven beslissing op bezwaar

2.1
Ingevolge artikel 20 LAR Pro is een beslissing op een bezwaarschrift niet tijdig gedaan als niet binnen twaalf weken na ontvangst van het bezwaarschrift, in dit geval dus uiterlijk op 18 februari 2019, een uitspraak is gedaan.
2.2
Ingevolge artikel 27, lid 2, LAR kan binnen acht weken, in dit geval dus uiterlijk op 15 april 2019, beroep worden ingesteld tegen het uitblijven van een beslissing op het bezwaarschrift.
2.3
Belanghebbende heeft op 12 april 2019 beroep ingesteld tegen het uitblijven van een beslissing op het bezwaarschrift. Dit beroep is mitsdien ontvankelijk.
Onmiddellijk uitspraak
2.4
Ingevolge artikel 32, letter c, LAR kan het gerecht onmiddellijk uitspraak doen indien de beslissing waartegen het beroep is gericht, kennelijk niet in stand kan blijven. De vaststelling dat ten tijde van het sluiten van het onderzoek nog geen reële beslissing op het bezwaar is genomen, maakt dat de ongemotiveerde, als afwijzende beslissing op het bezwaar geldende, beschikking (artikel 23, lid 2, LAR) kennelijk niet in stand kan blijven. Het beroep zal gegrond worden verklaard. Verweerder dient binnen drie maanden na deze uitspraak een reële beslissing te nemen.
Proceskostenvergoeding
2.5
Nu appellante met recht in beroep is gekomen en zich bij gemachtigde heeft laten vertegenwoordigen, is aannemelijk geworden dat appellante hiertoe noodzakelijke kosten heeft gemaakt. Verweerder zal worden veroordeeld in de kosten van dit geding, begroot op een bedrag van Afl. 500 aan gemachtigdensalaris.

3.BESLISSING

De rechter in dit gerecht:
  • verklaart het beroep gegrond;
  • vernietigt de bestreden fictieve afwijzende beschikking op het bezwaar van appellante;
  • bepaalt dat verweerder binnen drie maanden na dagtekening van deze uitspraak een reële beslissing dient te nemen op het bezwaar van appellante;
  • veroordeelt verweerder tot betaling van de door appellante voor dit geding gemaakte kosten aan rechtskundige bijstand, begroot op Afl. 500;
  • gelast dat het door appellante gestorte griffierecht van Afl. 25 aan haar wordt terugbetaald.
Deze beslissing is gegeven door mr. A.J.H. van Suilen, rechter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting op maandag 19 augustus 2019, in aanwezigheid van de griffier.
Tegen deze uitspraak kunnen beide partijen binnen zes weken na dagtekening van deze uitspraak hoger beroep instellen bij het Gemeenschappelijk Hof van Justitie (LAR-zaken).
Het hogerberoepschrift moet worden ingediend bij de griffie van dit Gerecht.
U wordt verzocht bij het indienen van het hogerberoepschrift het volgende in acht te nemen:
1. Leg bij het hogerberoepschrift een afschrift over van deze uitspraak;
2. Onderteken het hogerberoepschrift en vermeld het volgende:
a. de naam en het adres van de indiener of de gemachtigde,
b. de dag van ondertekening,
c. waartegen u in hoger beroep komt,
d. waarom u het niet eens bent met deze uitspraak (de gronden van het hoger beroep).
Voor het instellen van hoger beroep is een griffierecht van Afl. 75 verschuldigd.