Uitspraak
1.HET PROCESVERLOOP
2.DE VERDERE BEOORDELING
3.DE UITSPRAAK
woensdag 16 oktober 2019;
(P-1);
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
In deze civiele procedure tussen eiseres en gedaagde staat de vraag centraal of gedaagde voldoende bewijs heeft geleverd van de pensioenuitkeringen die hij sinds zijn pensionering in 2007 heeft ontvangen. Het Gerecht constateert dat de door gedaagde overgelegde pensioenoverzichten onvoldoende inzicht geven in de hoogte en duur van de uitkeringen.
Het Gerecht verwijst de zaak naar de rol om gedaagde in de gelegenheid te stellen alsnog, zonder peremptoirstelling, de benodigde stukken in te brengen. Dit betreft onder meer verklaringen van pensioenfondsen over de uitkeringsdata en bedragen, alsmede belastingaangiften over de jaren 2007 tot en met 2017 en zo mogelijk 2018.
Eiseres krijgt vervolgens de mogelijkheid om onder peremptoirstelling te reageren op de door gedaagde te nemen akte. Het Gerecht wijst erop dat indien gedaagde niet of onvoldoende aan deze verplichting voldoet, dit gevolgen kan hebben voor de verdeling van de pensioenuitkeringen ten gunste van eiseres.
Totdat de aanvullende stukken zijn ingediend en beoordeeld, worden verdere beslissingen aangehouden. Tevens wordt eiseres verlof verleend tot kosteloos procederen.
Uitkomst: De zaak wordt aangehouden om gedaagde alsnog bewijs van pensioenuitkeringen te laten aanleveren, waarna eiseres kan reageren.