ECLI:NL:OGEAA:2020:125
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- N.K. Engelbrecht
- Rechtspraak.nl
Vaststelling omgangsregeling tussen vader en minderjarige
De vader verzocht om een omgangsregeling met zijn minderjarige kind, waarbij het kind doordeweeks op dinsdag en woensdag bij hem zou blijven overnachten en in het weekend afhankelijk van zijn werkschema de dag en nacht met hem doorbrengt. De moeder verzette zich tegen de overnachtingen vanwege de jonge leeftijd van het kind en het ontbreken van een adequaat bed, en stelde dat de vader de afspraken niet nakomt.
De Voogdijraad had geen bezwaren tegen een omgangsregeling met overnachtingen bij de vader. Het verzoek was gebaseerd op artikel 1:377a van het Burgerlijk Wetboek van Aruba, dat het recht op omgang regelt, tenzij dit ernstig nadeel oplevert voor het kind of de ouder kennelijk ongeschikt is.
Het Gerecht oordeelde dat geen van de ontzeggingssituaties zich voordeed en dat het in het belang van het kind is contact te hebben met de niet-verzorgende ouder. De verantwoordelijkheid voor de omgangsregeling ligt primair bij de verzorgende ouder, die haar steun en toestemming moet geven, terwijl de niet-verzorgende ouder zich aan de regeling moet houden.
Het Gerecht stelde de omgangsregeling vast met wekelijkse overnachtingen van dinsdagmiddag tot woensdagavond en een afwisselend weekend met overnachtingen, waarbij de vader het kind ophaalt en terugbrengt. Partijen kunnen de regeling in onderling overleg uitbreiden.
Uitkomst: Het Gerecht stelde een omgangsregeling vast waarbij de minderjarige doordeweeks en in het weekend bij de vader verblijft met overnachtingen.