ECLI:NL:OGEAA:2020:173

Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba

Datum uitspraak
2 maart 2020
Publicatiedatum
8 mei 2020
Zaaknummer
AUA202000277
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Artikel 14 Lv VOGArtikel 15 lid 2 Lv VOGArtikel 22 lid 1 Lv VOGArtikel 25 Lv VOGArtikel 28 lid 3 Lv VOG
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verklaring omtrent gedrag wegens verdenking openlijke geweldpleging en mishandeling

Klager verzocht om een verklaring omtrent gedrag (VOG) om als buschauffeur te kunnen werken bij een bedrijf. Verweerder wees dit verzoek af omdat klager verdachte is in twee strafzaken uit 2017, waarin openlijke geweldpleging en mishandeling worden onderzocht. Klager diende hiertegen een klaagschrift in.

Het Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba behandelde de zaak en oordeelde dat verweerder zich op goede gronden op het standpunt heeft gesteld dat er bezwaren tegen klager zijn gebleken. De aard en ernst van de verdenkingen, gecombineerd met het doel van de VOG-aanvraag, namelijk het werken als buschauffeur met verantwoordelijkheid voor passagiersveiligheid, rechtvaardigen de weigering.

De klacht van klager werd daarom ongegrond verklaard. Tegen deze beschikking staat geen rechtsmiddel open, waarmee de afwijzing definitief is geworden.

Uitkomst: De klacht tegen de weigering van afgifte van de verklaring omtrent gedrag wordt ongegrond verklaard.

Uitspraak

Beschikking van 2 maart 2020
VOG nr. AUA202000277

GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA

BESCHIKKING
op het klaagschrift als bedoeld in
artikel 25 van Pro de Landsverordening justitiële documentatie
en op de verklaringen omtrent het gedrag (hierna: de Lv VOG) van:

[Klager],

wonend in Aruba,
KLAGER,
procederend in persoon,
tegen:

de aangewezen ambtenaar als bedoeld in artikel 14 van Pro de Lv VOG,

zetelend in Aruba,
VERWEERDER,
gemachtigde: mr. J.W. Klamer.

PROCESVERLOOP

Bij beschikking van 23 januari 2020 heeft verweerder het verzoek van klager om afgifte van een verklaring omtrent het gedrag afgewezen.
Op 29 januari 2020 heeft klager daartegen een klaagschrift ingediend.
Verweerder heeft op 6 februari 2020 stukken ingediend.
Het gerecht heeft de zaak behandeld in de raadkamer op 10 februari 2020. Klager is in persoon verschenen en verweerder is verschenen bij de gemachtigde voornoemd.
Uitspraak is bepaald op heden.

OVERWEGINGEN

Het wettelijk kader

1.1
Ingevolge artikel 15, tweede lid, van de Lv VOG houdt een verklaring omtrent het gedrag niet anders in dan dat de aangewezen ambtenaar uit het onderzoek met betrekking tot het gedrag van de betrokkene ingesteld, gelet op het doel waarvoor de afgifte is gevraagd, niet is gebleken van bezwaren tegen die persoon.
1.2
Ingevolge artikel 22, eerste lid, geeft de aangewezen ambtenaar een verklaring omtrent het gedrag slechts af wanneer hem uit een onderzoek met betrekking tot het gedrag van de betrokkene niet is gebleken van bezwaren tegen die persoon. In alle andere gevallen weigert hij de gevraagde verklaring af te geven.
De standpunten van partijen
2.1
Klager heeft verzocht om afgifte van een verklaring omtrent het gedrag om als buschauffeur werkzaam te kunnen zijn bij [bedrijf].
2.2
Bij de afwijzing heeft verweerder zich op het standpunt gesteld dat, gelet op het doel waarvoor de afgifte is gevraagd, hem is gebleken van bezwaren tegen klager. Daaraan heeft verweerder ten grondslag gelegd dat klager verdachte is in twee openstaande zaken uit 2017, te weten zaak 1: primair openlijke geweldpleging, subsidiair mishandeling en zaak 2: mishandeling. Klager zal op 2 april 2020 worden gedagvaard.
De beoordeling
3.1
Het Gerecht oordeelt dat gelet op de aard en de ernst van de gerezen verdenking - te weten openlijke geweldpleging en mishandeling - verweerder zich op goede gronden op het standpunt heeft gesteld dat hem is gebleken van bezwaren tegen de persoon van klager. Daarbij neemt het Gerecht ook in aanmerking het doel waarvoor afgifte is verzocht, namelijk het verrichten van werkzaamheden als buschauffeur, waarbij men onder meer verantwoordelijk is voor de veiligheid van de passagiers. Onder deze omstandigheden kan verweerder in redelijkheid weigeren de gevraagde verklaring af te geven. Het betoog faalt. Hetgeen klager voor het overige aanvoert, behoeft dan ook geen bespreking.
3.2
Gelet op het vorenoverwogene zal de klacht ongegrond worden verklaard.

BESLISSING

De rechter in dit gerecht:
- verklaart de klacht ongegrond.
Deze beslissing is gegeven door mr. A.J.H. van Suilen, rechter in dit gerecht, op 2 maart 2020.
Tegen deze beschikking staat geen rechtsmiddel open (artikel 28, derde lid, van de Lv VOG).