Uitspraak
1.DE PROCEDURE
2.DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN
3.DE BEOORDELING
(…).
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
Eisers vorderden in kort geding dat gedaagde werd verboden de fundering op een erfpachtsgrond te beschadigen of te verwijderen totdat het Land Aruba of het Gerecht een definitieve beslissing zou nemen over het recht van erfpacht. Gedaagde had de fundering illegaal gebouwd en was door het Land Aruba in gebreke gesteld vanwege het niet voldoen aan bouwverplichtingen en achterstallige erfpachtbetalingen.
De procedure werd schriftelijk gevoerd vanwege de coronacrisis. Partijen hadden een koopovereenkomst gesloten voor het erfpachtrecht, maar de overdracht was nog niet definitief en het verzoek tot toestemming door het Land Aruba was onbeantwoord gebleven. Gedaagde had de koopovereenkomst buitengerechtelijk ontbonden.
Het Gerecht oordeelde dat het verzoek van eisers onvoldoende kans van slagen had in een bodemprocedure, mede omdat de fundering illegaal was gebouwd en gedaagde wettelijk en contractueel verplicht was deze te verwijderen. De belangenafweging wees uit dat er geen zwaarwegende belangen aan de zijde van eisers waren die toewijzing rechtvaardigden. Daarom werd het verzoek afgewezen en eisers werden veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het verzoek van eisers om een verbod op het verwijderen van de illegale fundering werd afgewezen en zij werden veroordeeld in de proceskosten.