Uitspraak
1.DE PROCEDURE
- het inleidende verzoekschrift van 17 december 2019;
- de incidentele conclusie tot zekerheidstelling van 19 februari 2020;
- de conclusie van antwoord in het incident van 20 mei 2020.
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
In deze civiele procedure vordert DRC betaling van een bedrag van $35.907,63 van Karinel Trading. Karinel stelt dat DRC als buitenlandse partij zekerheid moet stellen voor proceskosten en mogelijke schadevergoeding, conform artikel 122 Rv Pro.
Het Gerecht oordeelt dat DRC, gevestigd in Colombia, inderdaad als vreemdeling moet voldoen aan deze zekerheidstellingsplicht. Er is geen verdrag of uitzondering van toepassing die deze verplichting zou opheffen. Daarom wordt DRC veroordeeld om binnen twee weken zekerheid te stellen van Afl. 1.500,-, gebaseerd op het toepasselijke liquidatietarief.
Indien DRC niet tijdig zekerheid stelt, zal zij niet-ontvankelijk worden verklaard in de hoofdzaak en hoeft Karinel geen verweer meer te voeren. De hoofdzaak wordt aangehouden en zal worden voortgezet nadat aan de zekerheidstelling is voldaan. De beslissing over de proceskosten van het incident wordt aangehouden tot de hoofdzaak is afgerond.
Uitkomst: DRC wordt veroordeeld tot zekerheidstelling van Afl. 1.500,- binnen twee weken, bij gebreke waarvan niet-ontvankelijkheid in de hoofdzaak volgt.