ECLI:NL:OGEAA:2020:353
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Toewijzing straat- en contactverbod wegens stalking en bedreiging na relatiebreuk
Eiseres en gedaagde hadden een langdurige relatie met een minderjarige dochter. Na de beëindiging van de relatie in november 2019, verbleven eiseres en de dochter in een blijf-van-mijn-lijf huis vanwege bedreigingen en stalking door gedaagde. Eiseres vordert een straat- en contactverbod tegen gedaagde, onder meer om haar woon- en werkadres te beschermen.
De rechtbank beoordeelt de vordering op basis van de overgelegde stukken, waaronder aangifte van stalking, psychologisch rapport en verklaringen van collega’s en werkgever. Gedaagde betwist de aantijgingen en ontkent het stelselmatig lastigvallen en geweld. De rechtbank acht de stellingen van eiseres voorshands aannemelijk vanwege het verblijf in een beschermde opvang en de onderbouwing.
Het Gerecht wijst het straatverbod toe rondom de woning en het werkadres, maar wijst het verbod rondom de school van de dochter af wegens ontbreken van een vordering namens de dochter. Ook wordt een contactverbod toegewezen voor direct en indirect contact. De verboden gelden voor zes maanden en worden gehandhaafd met dwangsommen en inzet van politie bij overtreding. De proceskosten worden gecompenseerd, ieder draagt eigen kosten.
Uitkomst: Het Gerecht wijst een straat- en contactverbod toe voor zes maanden met dwangsommen en politiehandhaving.