ECLI:NL:OGEAA:2020:360
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
- Kort geding
- M.E.B. de Haseth
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid eisers wegens openstaande bestuursrechtelijke rechtsgang inzake precariovergunning strandgebruik
Big Mama exploiteert een bar/restaurant met verhuur van strandstoelen en parasols op Baby Beach, Aruba. De Directie Infrastructuur en Planning (DIP) stelde bij brief van 16 juli 2020 dat Big Mama zonder vergunning illegaal strandstoelen en parasols verhuurde en sommeerde tot ontruiming. Big Mama verwijderde de spullen op 22 juli 2020 en vroeg vervolgens een precariovergunning aan.
Big Mama vorderde in kort geding dat Land Aruba haar zou gedogen de strandstoelen en parasols terug te plaatsen in afwachting van de vergunning. Het Land voerde verweer dat Big Mama niet-ontvankelijk was omdat een bestuursrechtelijke rechtsgang openstond. Het Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba oordeelde dat de brief van 16 juli 2020 een beschikking met bestuursdwang was, waartegen bezwaar en beroep mogelijk zijn bij de bestuursrechter.
Daarom is de burgerlijke rechter niet bevoegd om over de vordering te beslissen. Ook het spoedeisende belang van Big Mama maakt dit niet anders, omdat de bestuursrechtelijke procedure voorzien in spoedeisende voorzieningen. Big Mama werd niet-ontvankelijk verklaard en veroordeeld in de proceskosten, die nihil werden begroot.
Uitkomst: Big Mama wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat een bestuursrechtelijke rechtsgang openstaat voor het geschil over de precariovergunning.