Appellante heeft beroep ingesteld tegen de beslissing van de Sociale Verzekeringsbank om het ziekengeld wegens rugpijn te beëindigen omdat volgens haar de klachten het gevolg zijn van een werkongeval in juli 2019 en niet van de eerdere aandoening uit 2017.
De bank stelde dat de rugklachten voortkomen uit een progressieve degeneratieve aandoening (kanaalstenose) waarvoor zij sinds december 2017 ziekengeld ontving en dat het recht op ziekengeld na twee jaar vervalt bij dezelfde ziekteoorzaak. Het incident in juli 2019 betrof een val met schouderletsel, maar er is geen melding gedaan van een bedrijfsongeval of rugklachten toen.
Het College concludeerde dat de klachten in november 2019 passen bij de eerdere rugafwijkingen en dat er geen sprake is van een nieuwe ziekteoorzaak. Daarom is het beroep ongegrond verklaard en blijft de beslissing van de bank in stand.