ECLI:NL:OGEAA:2021:214
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen bevel tot uitzetting na afwijzing asielaanvraag
Verzoekster, van Venezolaanse nationaliteit, diende op 7 september 2019 een asielaanvraag in in Aruba. Deze aanvraag werd bij beschikking van 22 januari 2021 afgewezen. Vervolgens gaf de minister van Justitie een bevel tot uitzetting van verzoekster op 23 januari 2021. Verzoekster maakte pro-forma bezwaar en verzocht om een voorlopige voorziening om de uitzetting op te schorten.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het nieuwe Toelatingsbesluit sinds 3 juli 2019 van kracht is, waardoor het oude besluit niet op verzoekster van toepassing is. Verzoekster verblijft daardoor zonder geldige verblijfsvergunning, wat grond is voor uitzetting. Het bevel tot uitzetting is daarmee niet onrechtmatig.
Verder is vastgesteld dat het bevel niet in strijd is met het verbod op refoulement uit het Vluchtelingenverdrag, noch is aannemelijk dat verzoekster bij terugkeer een behandeling onder artikel 3 EVRM Pro zal ondergaan. De veiligheidssituatie in Venezuela is zorgelijk, maar vormt geen reëel risico voor verzoekster. De rechter bevestigde dat verzoekster niet zal worden uitgezet zolang de voorlopige voorziening loopt, maar dit betreft een tijdelijke belemmering.
Verzoeksters betoog over onrechtmatigheden bij binnentreden en staande houding betreft een andere beschikking die inmiddels is vervallen. Het bevel tot inbewaringstelling is niet vatbaar voor bezwaar of beroep. De voorzieningenrechter ziet geen reden om het bevel tot uitzetting te schorsen en wijst het verzoek af.
Uitkomst: Het verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening tegen het bevel tot uitzetting wordt afgewezen.