ECLI:NL:OGEAA:2021:270
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Soffers
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen bevel tot uitzetting wegens illegaal verblijf
Verzoeker, van Venezolaanse nationaliteit, is in oktober 2018 clandestien per boot Aruba binnengekomen en werd op 26 december 2020 aangetroffen zonder geldige verblijfsvergunning. Verweerder, de minister van Justitie, Veiligheid en Integratie, heeft bij beschikking van 26 december 2020 de uitzetting bevolen. Verzoeker maakte bezwaar en diende een verzoek tot voorlopige voorziening in op grond van artikel 54 van Pro de Landsverordening administratieve rechtspraak (Lar).
Tijdens de zitting stelde verweerder dat DIMAS het door verzoeker ingediende asielverzoek van 23 april 2019 nooit heeft ontvangen en verzoeker kon dit niet aannemelijk maken door het ontbreken van een ontvangststempel of verzendbewijs. Verzoeker heeft ook na aanwijzing geen formele asielaanvraag ingediend, ondanks een afspraak op 5 juni 2020 en de mogelijkheid tot digitale indiening.
Gelet op het ontbreken van een geldige verblijfsvergunning en het niet indienen van een asielaanvraag, is verweerder bevoegd tot uitzetting op grond van artikel 15 van Pro de Landsverordening toelating en uitzetting (Ltu). Het verzoek tot schorsing van het bevel tot uitzetting wordt daarom afgewezen. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzoek tot voorlopige voorziening tegen het bevel tot uitzetting wordt afgewezen.