Uitspraak
1.DE PROCEDURE
2.DE VASTSTAANDE FEITEN
“incentives”ad Afl. 150,-- en een eindejaarbonus.
3.DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN
“incentives”en eindejaarbonus;
4.DE BEOORDELING
“incentives”wordt als volgt overwogen. Gelet op het overgelegde financieel rapport, is het Gerecht van oordeel dat Romar voldoende onderbouwd heeft gesteld dat zij in bedoelde maanden te kampen heeft gehad met financiële problemen. Die stelling heeft [verzoekster] overigens ter zitting beaamd. In die omstandigheid ziet het Gerecht reden voor het oordeel dat Romar aanleiding heeft kunnen vinden tot het doen van een voorstel met betrekking tot wijziging van de
“incentives”, welk voorstel naar het oordeel van het Gerecht in alle redelijkheid door [verzoekster] dient te worden aanvaard. Dit geldt temeer nu [verzoekster] akkoord is gegaan met een tijdelijke inkorting van 20% op haar loon en bovendien Romar onbetwist heeft gesteld dat voornoemde aanpassing van tijdelijke aard is. Verder wordt ook het verzoek ten aanzien van de eindejaarbonus afgewezen, nu onbetwist is gesteld dat geen sprake is van een maandelijkse (deel)betaling daarvan omdat die pas aan het einde van het jaar in december wordt uitbetaald, indien en voorzover de financiële situatie van Romar dat toelaat.