ECLI:NL:OGEAA:2021:552

Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba

Datum uitspraak
10 november 2021
Publicatiedatum
26 november 2021
Zaaknummer
AUA202001240
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Deels toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
  • A.H.M. van de Leur
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 63a Rv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Betwisting betalingsbevel over geldlening en schenking auto tussen partijen

Het Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba behandelde het verzet van opposante tegen een betalingsbevel waarbij zij werd veroordeeld tot betaling aan geopposeerde van een geldbedrag inclusief rente en incassokosten. Opposante betwistte de vordering en stelde dat een deel van de schuld niet bestond, onder meer vanwege een schenking van het aandeel in een auto.

De rechtbank oordeelde dat geopposeerde ontvankelijk was in zijn vorderingen en dat opposante erkende een deel van de schuld te moeten betalen. De vordering over een geldlening werd gepasseerd wegens onvoldoende grondslag. De auto, die gezamenlijk was aangeschaft voor handelsdoeleinden, was niet doorverkocht maar in gebruik genomen door opposante. Op basis van onbestreden chatberichten stelde de rechtbank vast dat geopposeerde zijn aandeel in de auto aan opposante had geschonken.

Daarom werd het betalingsbevel vernietigd voor het geschonken aandeel en de incassokosten, terwijl het bevel werd bevestigd voor het erkende bedrag. De proceskosten werden gecompenseerd zodat partijen ieder hun eigen kosten dragen. Het vonnis werd uitgesproken op 10 november 2021 door rechter A.H.M. van de Leur.

Uitkomst: Betalingsbevel deels vernietigd voor geschonken aandeel auto en incassokosten, deels bevestigd voor erkend bedrag; proceskosten gecompenseerd.

Uitspraak

Vonnis van 10 november 2021
Behorend bij B.B. no. AUA202001240
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA
VONNIS op het verzet van:
[OPPOSANTE],
te Aruba,
opposante,
hierna ook te noemen: [Opposante],
procederend in persoon,
tegen:
[GEOPPOSEERDE],
te Aruba,
geopposeerde,
hierna ook te noemen: [Geopposeerde],
gemachtigde: de advocaat mr. E.M.J. Cafarzuza.
1.1 Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het op 3 december 2019 ter griffie ingediende (oorspronkelijke) tegen [opposante] gerichte verzoekschrift van [geopposeerde], met producties;
- het bij verstek uitgesproken betalingsbevel van dit Gerecht van 25 maart 2020 onder zaaknummer B.B. AUA201904224 (hierna: het betalingsbevel waarvan verzet), waarbij [opposante] uitvoerbaar bij voorraad is veroordeeld tot betaling aan [geopposeerde] van Afl. 8.431,85 te vermeerderen met (1) wettelijke rente gerekend vanaf 3 december 2019 tot de dag der voldoening en (2) Afl. 750,-- aan vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten. Verder is [opposante] bij het betalingsbevel waarvan verzet uitvoerbaar bij voorraad veroordeeld in de proceskosten gevallen aan de zijde van [geopposeerde] begroot op Afl. 600,--;
- het op 6 mei 2020 ter griffie van dit Gerecht ingediende verzetschrift van [opposante], met producties;
- de conclusie van antwoord in oppositie van [geopposeerde], met producties;
- de conclusie van repliek in oppositie van [opposante].
1.2 Vonnis is met welgemeende excuses voor alle vertraging nader bepaald op heden.

2.DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN IN OPPOSITIE

2.1 [
Opposante] vordert dat het Gerecht (zo het begrijpt) bij vonnis haar goed opposant verklaart, het betalingsbevel waarvan verzet vernietigt en - opnieuw rechtdoende – [geopposeerde] alsnog niet-ontvankelijk verklaart in zijn oorspronkelijke vorderingen althans die vorderingen alsnog geheel afwijst, danwel (subsidiair) niet meer toe te wijzen dan Afl. 2.522,35 zonder veroordeling van [opposante] in de proceskosten.
2.2 [
Geopposeerde] voert verweer dat strekt tot bevestiging van het betalingsbevel waarvan verzet.
2.3
Voorzover voor de beslissing van belang worden de stellingen van partijen hierna besproken.

3.DE BEOORDELING IN OPPOSITIE

3.1
Er zijn gronden gesteld noch gebleken waaruit volgt dat [geopposeerde] niet-ontvankelijk moet worden verklaard in zijn oorspronkelijke vorderingen. Het ontvankelijkheidsverweer van [opposante] wordt daarom verworpen.
3.2 [
Opposante] erkent dat zij Afl. 2.522,35 verschuldigd is aan [geopposeerde]. In zoverre is haar verzet ongegrond en in zoverre zal het betalingsbevel waarvan verzet worden bevestigd.
3.3
Onder randnummer 7 van zijn verzoekschrift stelt [geopposeerde] dat [opposante] Afl. 1.000,-- aan hem verschuldigd is uit hoofde van geldlening. Die stelling heeft [opposante] gemotiveerd bestreden, daartoe stellende dat er ten tijde van het einde van de affectieve relatie van partijen zij ter zake van geldlening over en weer niets meer verschuldigd waren aan elkaar. In het licht van dat door [geopposeerde] onbestreden standpunt van [opposante] mist zijn stelling/vordering op dit onderdeel voldoende nadere grondslag. Die stelling wordt daarom gepasseerd. In zoverre slaagt het verzet van [opposante], en in zoverre zal het betalingsbevel waarvan verzet worden vernietigd.
3.4
Ter zake van de bij partijen genoegzaam bekende auto van het type/merk [type/merk] (hierna: [type/merk]) wordt het volgende overwogen. Niet in geschil is tussen partijen dat zij tezamen tweedehands auto’s kochten in het buitenland, die zij hier importeerden om die vervolgens met winst te verkopen aan derden. Die kosten van aanschaf, import en vervoer werden door partijen ieder voor gelijke delen betaald, terwijl de verkoopwinst tussen hen werd verdeeld op 50%-50% basis. Niet is geschil is tussen partijen dat zij op enig moment de [type/merk] hebben gekocht in het buitenland voor een koopprijs van US$ 3.890,--, terwijl de invoerrechten daarvan Afl. 2.637,-- bedroegen. Vast staat verder dat partijen ieder de helft van die bedragen hebben betaald, te weten ieder in totaal Afl. 4.819,50. Vast staat verder dat de [type/merk] niet is verkocht aan een derde, maar vanaf de aankomst in Aruba in het bezit van [opposante] is gebleven en door haar in gebruik is genomen.
3.5
In het licht van voormelde feitelijkheden stelt [opposante] bevrijdend dat zij het door [geopposeerde] betaalde deel van de aanschaf en invoer in Aruba niet aan hem verschuldigd is, omdat [geopposeerde] zijn deel in de auto heeft geschonken aan [opposante] zoals gesteld door [geopposeerde]. [Opposante] onderbouwt die stelling met tussen partijen gevoerde chatberichten, en dan met name het als bijlage 3 bij het verzetschrift overlegde chatbericht met betrekking tot de [type/merk]. [Geopposeerde] zegt in dat bericht tegen [opposante]: “
Your car is loaded”. [Opposante] reageert vervolgens naar [geopposeerde] toe als volgt: “
Yes baby can’t wait to rock it, best gift ever.” Daarop reageert [geopposeerde] met de volgende woorden: “
Yes indeed”. Dat sprake is van een schenking zoals gesteld blijkt genoegzaam uit die verder niet bestreden woordenwisseling tussen [geopposeerde] en [opposante] met betrekking tot de [type/merk]. Dit klemt temeer omdat in het als bijlage 4 bij het verzetschrift overgelegde chatbericht [geopposeerde] [opposante] laat weten dat zij moet nagaan hoeveel extra de [type/merk] aan verzekering voor [opposante] gaat kosten en dat zij de helft van de nummerplaat daarvan moet betalen. Zonder nadere doch ontbrekende uitleg of onderbouwing door [geopposeerde] valt in dat verband niet in te zien dat de [type/merk] was bestemd om te worden doorverkocht aan een derde, zoals gesteld door [geopposeerde]. Dit temeer omdat [opposante] in dit verband onbestreden heeft gesteld dat voor de doorverkoop bestemde auto’s niet worden verzekerd.
3.6
Vorenstaande brengt met zich dat vast komt te staan dat [geopposeerde] zijn aandeel in de [type/merk] heeft geschonken aan [opposante], met als gevolg dat niet komt vast te staan dat [opposante] ter zake van de [type/merk] iets verschuldigd is aan [geopposeerde]. Ook in zoverre slaagt het verzet van [opposante], en ook in zoverre zal het betalingsbevel waarvan verzet worden vernietigd.
3.7
De oorspronkelijke vordering van [geopposeerde] ter zake van vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten zal alsnog worden afgewezen, omdat is gesteld noch gebleken dat [geopposeerde] te dien aanzien meer werkzaamheden heeft verricht dan die ter voorbereiding en instructie van de zaak waarop krachtens artikel 63a Rv alleen de regels ter zake van proceskosten van toepassing zijn. Ook in zoverre zal het betalingsbevel waarvan verzet worden vernietigd.
3.8
In de uitkomst van deze procedure (partijen zijn over en weer in het (on)gelijk gesteld) ziet het Gerecht aanleiding om de proceskosten te compenseren tussen partijen als na te melden. Ook in zoverre zal het betalingsbevel waarvan verzet worden vernietigd.

4.DE BESLISSING IN OPPOSITIE

Het Gerecht, opnieuw rechtdoende:
-verklaart [opposante] goed opposante voorzover zij bij het betalingsbevel waarvan verzet:
(1) is bevolen om aan [geopposeerde] te betalen (1.000,-- + 4.819,50 =) Afl. 5.819,50;
(2) is veroordeeld in de proceskosten van [geopposeerde] ad Afl. 600,--;
(3) is veroordeeld om aan [geopposeerde] te betalen Afl. 750,-- aan vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten,
en vernietigt het betalingsbevel waarvan verzet in zoverre;
-verklaart [opposante] voor het overige kwaad opposante, en bevestigt het betalingsbevel waarvan verzet voor dat overige;
-compenseert de proceskosten tussen partijen aldus dat ieder van hen de eigen kosten draagt.
Dit vonnis is gewezen door mr. A.H.M. van de Leur, rechter, en is uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 10 november 2021 in tegenwoordigheid van de griffier.