ECLI:NL:OGEAA:2022:337
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- N.K. Engelbrecht
- Rechtspraak.nl
Vernietiging fictieve afwijzing bezwaar openbaarheid van bestuur
Appellant verzocht op 16 oktober 2020 om openbaarmaking van informatie over nevenfuncties van leden van de Bezwaaradviescommissie Lar. Verweerder besloot op 14 september 2021 dat de gevraagde informatie niet bij hem aanwezig was, maar dat hij deze bij de commissieleden had opgevraagd en verstrekt. Appellant maakte bezwaar tegen deze beschikking, maar het bezwaar voldeed aanvankelijk niet aan de wettelijke vereisten. Pas op 19 januari 2022 werden de gronden aangevuld.
Verweerder stelde dat appellant niet-ontvankelijk moest worden verklaard omdat het bezwaar te laat was aangevuld, maar het gerecht oordeelde dat verweerder appellant niet in de gelegenheid had gesteld het verzuim te herstellen, waardoor de beslistermijn voor verweerder was gaan lopen op de dag van het oorspronkelijke bezwaar. Verweerder was derhalve in gebreke en het beroep was tijdig ingediend.
Het gerecht stelde vast dat verweerder nog geen reële beslissing op het bezwaar had genomen, terwijl hij daartoe verplicht was. De fictieve afwijzing was niet gemotiveerd en kon daarom niet in stand blijven. Het gerecht oordeelde dat verweerder voldoende aannemelijk had gemaakt dat hij op deugdelijke wijze aan het verzoek had voldaan, omdat alle bekende informatie was verstrekt en verweerder niet verplicht was informatie te zoeken die niet onder zijn beheer viel.
De rechter verklaarde het beroep gegrond, vernietigde de fictieve afwijzing, verklaarde het bezwaar ongegrond en bepaalde dat deze uitspraak in de plaats treedt van de vernietigde beschikking. Tevens werd het door appellant betaalde griffierecht terugbetaald.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, de fictieve afwijzing vernietigd en het bezwaar ongegrond verklaard omdat verweerder voldoende aan het verzoek heeft voldaan.