ECLI:NL:OGEAA:2022:412
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- N.K. Engelbrecht
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen fictief afwijzende beslissing op bezwaar asielaanvraag Venezuela
Appellante, een Venezolaanse vrouw, diende op 4 mei 2018 een asielaanvraag in Aruba in, welke op 23 december 2021 werd afgewezen. Zij maakte op 2 februari 2022 bezwaar tegen deze afwijzing, waarop verweerder niet tijdig heeft beslist, waardoor appellante beroep instelde tegen het uitblijven van een beslissing.
Appellante stelde dat verweerder niet aan zijn onderzoekplicht had voldaan en onvoldoende onderzoek had gedaan naar de bedreigingen tegen haar en de situatie in Venezuela. Verweerder stelde dat appellante niet voldeed aan de criteria van het Vluchtelingenverdrag en dat er geen risico op foltering of onmenselijke behandeling bestond bij terugkeer.
Het gerecht oordeelde dat appellante niet als vluchteling kan worden aangemerkt omdat er geen gegronde vrees voor vervolging is op basis van de verdragsgronden. Ook is niet gebleken dat zij risico loopt op behandeling in strijd met artikel 3 EVRM Pro. Wel oordeelde het gerecht dat het uitblijven van een beslissing op bezwaar niet kan blijven bestaan omdat deze niet gemotiveerd is. Daarom werd het beroep gegrond verklaard en verweerder opgedragen binnen drie maanden alsnog een gemotiveerde beslissing te nemen.
Daarnaast werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van appellante en terugbetaling van het griffierecht. De uitspraak is gedaan door rechter N.K. Engelbrecht op 23 november 2022.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en verweerder moet binnen drie maanden een reële beslissing nemen op het bezwaar.