Uitspraak
1.DE PROCEDURE
2.DE VERDERE BEOORDELING
in conventie en in reconventie
grieven”, doch volhardt in zijn in het tussenvonnis neergelegde overwegingen en beslissingen.
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
In deze civiele zaak heeft het Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba op 16 maart 2022 uitspraak gedaan over de verdeling van gemeenschapsgoederen tussen partijen na beëindiging van hun relatie.
De procedure omvatte een tussenvonnis en een comparitie waarin partijen hun standpunten toelichtten. Onbetwist was onder meer de hypothecaire restschuld, de aflossingen door partijen, en de actuele marktwaarde van het onroerend goed. Partijen konden geen overeenstemming bereiken over de toebedeling van het onroerend goed, waardoor het gerecht bepaalde dat het pand verkocht moet worden via onderhandse verkoop met een bodemprijs die stapsgewijs daalt, gevolgd door een openbare veiling indien binnen 15 maanden geen verkoop plaatsvindt.
Daarnaast werd vastgesteld dat de gebruiksvergoeding voor het onroerend goed tussen partijen moet worden verrekend, waarbij [gedaagde] een vergoeding aan [eiseres] verschuldigd is voor het eerdere gebruik, en [eiseres] een maandelijkse vergoeding aan [gedaagde] moet betalen zolang zij het pand gebruikt. Ook werden de pensioenrechten verdeeld en werden kosten van een deskundige en belastingrestituties geregeld.
De uitspraak compenseert de proceskosten tussen partijen en legt gedetailleerde financiële verplichtingen vast om een eerlijke verdeling van de gemeenschapsgoederen te waarborgen.
Uitkomst: Het onroerend goed wordt verkocht en de netto opbrengst, pensioenrechten en gebruiksvergoedingen worden tussen partijen verdeeld volgens de uitspraak.