Uitspraak
1.DE PROCEDURE
2.DE VERDERE BEOORDELING
dan weg was”.
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
In deze zaak stond centraal of de werkgever terecht de werknemer op staande voet had ontslagen wegens herhaaldelijk slapen tijdens zijn werkzaamheden als beveiligingsbeambte. Het gerecht stelde vast dat de werknemer op meerdere momenten, waaronder in mei 2020, slapend was aangetroffen op zijn post en hiervoor mondeling was gewaarschuwd dat herhaling zou leiden tot ontslag op staande voet.
Getuigenverklaringen van de nachtmanager en de security supervisor bevestigden deze feiten. Op grond hiervan oordeelde het gerecht dat het ontslag op staande voet op 30 juli 2020 gegrond was. Hierdoor werd de vordering van de werknemer om het ontslag te vernietigen afgewezen.
Daarnaast behandelde het gerecht vorderingen van de werknemer betreffende betaling voor 40 gewerkte zondagen en 40 niet-genoten vakantiedagen. De werkgever kon de authenticiteit van de documenten niet bewijzen en zag af van deskundigenonderzoek, waardoor het gerecht de vorderingen van de werknemer toewijsde.
De proceskosten werden tussen partijen gecompenseerd, ieder draagt zijn eigen kosten. De beschikking werd uitgesproken op 1 februari 2022 door de enkelvoudige kamer van het Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba.
Uitkomst: Het ontslag op staande voet werd bevestigd, maar de werknemer kreeg betaling van achterstallig loon voor gewerkte zondagen en niet-genoten vakantiedagen toegewezen.