ECLI:NL:OGEAA:2023:138
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- M.E.B. de Haseth
- Rechtspraak.nl
Vordering tot betaling lening en rente door Island Finance tegen gedaagde
Island Finance en gedaagde zijn op 17 februari 2015 een overeenkomst van verbruikleen aangegaan waarbij gedaagde een bedrag van Afl. 11.958,69 leende en dit in 48 termijnen terug zou betalen. Island Finance vordert betaling van het openstaande bedrag van Afl. 13.898,54, vermeerderd met wettelijke rente en boeterente wegens niet tijdige betaling. Gedaagde erkent de overeenkomst maar wijst op persoonlijke en medische moeilijkheden en betwist de hoogte van de boeterente.
De rechtbank stelt vast dat de vordering op zich niet wordt weersproken, maar wijst de boeterente af omdat deze de wettelijk toegestane maximale jaarlijkse kredietvergoeding van 27% overschrijdt. Island Finance heeft de rente al gemaximeerd op 27% APR, waardoor extra boeterente niet is toegestaan volgens artikel 3:40 BW Pro. De rechtbank veroordeelt gedaagde tot betaling van het hoofdbedrag met wettelijke rente en in de proceskosten.
Het vonnis is uitgesproken op 22 maart 2023 door rechter M.E.B. de Haseth en verklaart het vonnis uitvoerbaar bij voorraad. Het meer of anders gevorderde wordt afgewezen.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van de lening met wettelijke rente, boeterente wordt afgewezen wegens wettelijke limiet.