ECLI:NL:OGEAA:2023:187

Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba

Datum uitspraak
30 augustus 2023
Publicatiedatum
12 september 2023
Zaaknummer
AUA202301062
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
  • M.E.B. de Haseth
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Landsverordening administratieve rechtspraak (Lar)
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid beroep tegen loonsubsidiebesluit wegens ontbreken belang

Appellante, S&L Contractor N.V., maakte bezwaar tegen de definitieve vaststelling van de loonsubsidie over mei tot en met december 2020. Nadat verweerder niet tijdig op het bezwaar had beslist, stelde appellante beroep in bij het Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba. Tijdens de procedure gaf verweerder aan alsnog te hebben beslist op het bezwaar en dit niet-ontvankelijk te hebben verklaard.

Ondanks deze beslissing handhaafde appellante het beroep, verwijzend naar het oordeel van het gerecht. Het Gerecht overwoog echter dat onder deze omstandigheden geen belang meer bestaat bij het beoordelen van het beroep tegen het uitblijven van een beslissing op bezwaar.

Daarom werd het beroep niet-ontvankelijk verklaard. De uitspraak werd gedaan door rechter M.E.B. de Haseth op 30 augustus 2023. Partijen kunnen binnen zes weken hoger beroep instellen bij het Gemeenschappelijk Hof van Justitie.

Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van belang na beslissing op bezwaar.

Uitspraak

Uitspraak van 30 augustus 2023
Lar nr. AUA202301062

ERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA

UITSPRAAK
op het beroep in de zin van de
Landsverordening administratieve rechtspraak (Lar) van:
de naamloze venootschap
S&L CONTRACTOR N.V.,
gevestigd in Aruba,
APPELLANTE,
gemachtigde: de advocaat mr. G. de Hoogd,
gericht tegen:

DE MINISTER VAN ECONOMISCHE ZAKEN, COMMUNICATIE EN DUURZAME ONTWIKKELING,

zetelend in Aruba,
VERWEERDER,
gemachtigde: mr. Y.F.M. Kaarsbaan (DWJZ).

PROCESVERLOOP

Tegen de definitieve vaststelling van de loonsubsidie over de maanden mei tot en met december 2020 heeft appellante op 23 maart 2022 bezwaar gemaakt.
Tegen het uitblijven op een beslissing op het bezwaar heeft appellante op 7 februari 2023 beroep ingesteld bij dit gerecht.
Verweerder heeft op 31 mei 2023 een verweerschrift ingediend.
De zaak is behandeld ter zitting van 7 juni 2023, waar partijen, vertegenwoordigd door hun gemachtigde, zijn verschenen.
De uitspraak is bepaald op heden.

OVERWEGINGEN

1.1
In het verweerschrift heeft verweerder te kennen gegeven dat hij bij beslissing van 30 mei 2023 alsnog heeft beslist op het door appellante op 23 maart 2023 gemaakte bezwaar. Daarbij heeft hij het bezwaar niet-ontvankelijk verklaard. Een afschrift van deze beslissing is bij het verweerschrift gevoegd.
1.2
Appellante heeft ter zitting desgevraagd te kennen gegeven dat zij niettemin het voorliggende beroep handhaaft en zich daarbij refereert aan het oordeel van het gerecht. Onder deze omstandigheden bestaat evenwel geen belang bij het beoordelen van het met een afwijzende beschikking gelijkgestelde uitblijven van een beschikking op het bezwaar van appellante van 23 maart 2023.
1.3
Het beroep is niet-ontvankelijk.

BESLISSING

De rechter in dit gerecht:
- verklaart het beroep niet-ontvankelijk;
Deze beslissing is gegeven door mr. M.E.B. de Haseth, rechter in dit gerecht, en uitgesproken ter openbare terechtzitting op woensdag 30 augustus 2023, in aanwezigheid van de griffier.
Tegen deze uitspraak kunnen beide partijen binnen zes weken na dagtekening van deze uitspraak hoger beroep instellen bij het Gemeenschappelijk Hof van Justitie (LAR-zaken).
Het hogerberoepschrift moet worden ingediend bij de griffie van dit Gerecht.
U wordt verzocht bij het indienen van het hogerberoepschrift het volgende in acht te nemen:
1. Leg bij het hogerberoepschrift een afschrift over van deze uitspraak;
2. Onderteken het hogerberoepschrift en vermeld het volgende:
a. de naam en het adres van de indiener of de gemachtigde,
b. de dag van ondertekening,
c. waartegen u in hoger beroep komt,
d. waarom u het niet eens bent met deze uitspraak (de gronden van het hoger beroep).
Voor het instellen van hoger beroep is een griffierecht van Afl. 75 verschuldigd.