ECLI:NL:OGEAA:2023:337
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- M.E.B. de Haseth
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen uitzettingsbevel wegens illegaal verblijf in Aruba
Verzoekster, van Venezolaanse nationaliteit, verblijft sinds mei 2019 illegaal in Aruba nadat haar tijdelijke verblijfsvergunning was verlopen. De minister van Justitie en Sociale Zaken heeft op 29 maart 2023 een uitzettingsbevel uitgevaardigd. Verzoekster maakte bezwaar en verzocht het gerecht om een voorlopige voorziening zodat zij in afwachting van de bezwaarprocedure in Aruba mocht blijven.
Het gerecht overweegt dat de in 1998 aan verzoekster verleende verklaring op grond van artikel 1, lid 1, onder c, van de Landsverordening toelating en uitzetting (Ltu) niet meer van kracht is. Verzoekster voldoet niet aan de voorwaarden en verblijft sinds 24 mei 2019 zonder geldige vergunning. De minister is bevoegd tot uitzetting op grond van artikel 15 Ltu Pro.
Hoewel verzoekster stelt dat er zicht is op legalisering van haar verblijf en zij een optieverklaring voor het Nederlanderschap wil indienen, is dit nog niet gerealiseerd en bestaat er geen concreet zicht op legalisering. Daarom is het uitzettingsbevel terecht en is het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.
Er is geen grond voor proceskostenveroordeling en tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening tegen het uitzettingsbevel wordt afgewezen omdat verzoekster illegaal verblijft en geen concreet zicht bestaat op legalisering.